BWBR0005321
Geldig vanaf 1992-10-01
Artikel 76
Bouwbesluit
1. De afmetingen van een trap als bedoeld in artikel 75, moeten ten minste voldoen aan tabel IV.
Tabel IV Afmetingen van een trap
[tabel]
2. Een trap als bedoeld in het eerste lid, moet ter plaatse van de bovenste trede over de ten minste vereiste breedte aansluiten op een vrije vloeroppervlakte van ten minste 0,7 m * 0,7 m.
3. Een trap van een woongebouw waarmee een hoogteverschil is overbrugd van meer dan 1 m, moet aan beide zijkanten vanaf een hoogte van 1 m zijn voorzien van een afscheiding met een hoogte van ten minste 0,6 m boven de voorkant van de tredevlakken van de trap.
4. Op een afscheiding als bedoeld in het derde lid, is artikel 74, vierde en vijfde lid, van overeenkomstige toepassing.
5. Een trap als bedoeld in het derde lid, waarvan de klimlijn een helling heeft die groter is dan 2:3, moet aan ten minste één zijkant zijn voorzien van een leuning waarvan de bovenkant zich bevindt op een hoogte van ten minste 0,6 m en ten hoogste 1 m boven de voorkant van de tredevlakken van de trap.
Tabel IV Afmetingen van een trap
[tabel]
2. Een trap als bedoeld in het eerste lid, moet ter plaatse van de bovenste trede over de ten minste vereiste breedte aansluiten op een vrije vloeroppervlakte van ten minste 0,7 m * 0,7 m.
3. Een trap van een woongebouw waarmee een hoogteverschil is overbrugd van meer dan 1 m, moet aan beide zijkanten vanaf een hoogte van 1 m zijn voorzien van een afscheiding met een hoogte van ten minste 0,6 m boven de voorkant van de tredevlakken van de trap.
4. Op een afscheiding als bedoeld in het derde lid, is artikel 74, vierde en vijfde lid, van overeenkomstige toepassing.
5. Een trap als bedoeld in het derde lid, waarvan de klimlijn een helling heeft die groter is dan 2:3, moet aan ten minste één zijkant zijn voorzien van een leuning waarvan de bovenkant zich bevindt op een hoogte van ten minste 0,6 m en ten hoogste 1 m boven de voorkant van de tredevlakken van de trap.