BWBR0005321
Geldig vanaf 1992-10-01
Artikel 384
Bouwbesluit
1. De afmetingen van een trap als bedoeld in artikel 383, moeten ten minste voldoen aan tabel IV.
2. Een trap als bedoeld in het eerste lid, moet ter plaatse van de bovenste trede over de ten minste vereiste breedte aansluiten op een vrije vloeroppervlakte van ten minste 0,7 m * 0,7 m.
3. Een trap als bedoeld in het eerste lid, waarvan de klimlijn een helling heeft die groter is dan 2:3, en waarmee een hoogteverschil van meer dan 1 m is overbrugd, moet aan ten minste één zijkant zijn voorzien van een leuning waarvan de bovenkant zich bevindt op een hoogte van ten minste 0,6 m en ten hoogste 1 m boven de voorkant van de tredevlakken van de trap.
2. Een trap als bedoeld in het eerste lid, moet ter plaatse van de bovenste trede over de ten minste vereiste breedte aansluiten op een vrije vloeroppervlakte van ten minste 0,7 m * 0,7 m.
3. Een trap als bedoeld in het eerste lid, waarvan de klimlijn een helling heeft die groter is dan 2:3, en waarmee een hoogteverschil van meer dan 1 m is overbrugd, moet aan ten minste één zijkant zijn voorzien van een leuning waarvan de bovenkant zich bevindt op een hoogte van ten minste 0,6 m en ten hoogste 1 m boven de voorkant van de tredevlakken van de trap.