BWBR0005321
Geldig vanaf 1992-10-01
Artikel 206
Bouwbesluit
1. In een uitwendige scheidingsconstructie van een gebouw waarin een verblijfsgebied is gelegen, mogen zich, ter beperking van het in het gebouw kunnen binnendringen van ratten en muizen, geen onafsluitbare openingen bevinden die breder zijn dan 0,01 m.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op een opening die aan de bovenzijde de uitmonding vormt van een verticaal kanaal.
3. Onder een gebouw waarin een verblijfsgebied is gelegen, moet ter plaatse van de uitwendige scheidingsconstructie tot een diepte van ten minste 0,6 m, gemeten vanaf het aansluitende terrein, een scherm aanwezig zijn, waarin zich geen openingen bevinden die breder zijn dan 0,01 m.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op een opening die aan de bovenzijde de uitmonding vormt van een verticaal kanaal.
3. Onder een gebouw waarin een verblijfsgebied is gelegen, moet ter plaatse van de uitwendige scheidingsconstructie tot een diepte van ten minste 0,6 m, gemeten vanaf het aansluitende terrein, een scherm aanwezig zijn, waarin zich geen openingen bevinden die breder zijn dan 0,01 m.