BWBR0009107
Geldig vanaf 2007-02-13
Artikel 7.59
Regeling toelatingseisen
1. De remvertraging van de bedrijfsrem van een driewielig motorrijtuig dat is ingericht voor het vervoer van personen moet op een droge of nagenoeg droge en ongeveer horizontaal liggende weg ten minste 5,2 m/s² bedragen bij een pedaalkracht van niet meer dan 500 N.
2. De remvertraging van de bedrijfsrem van een driewielig motorrijtuig dat is ingericht voor het vervoer van goederen moet op een droge of nagenoeg droge en ongeveer horizontaal liggende weg ten minste 4,0 m/s² bedragen bij een pedaalkracht van niet meer dan 700 N.
2. De remvertraging van de bedrijfsrem van een driewielig motorrijtuig dat is ingericht voor het vervoer van goederen moet op een droge of nagenoeg droge en ongeveer horizontaal liggende weg ten minste 4,0 m/s² bedragen bij een pedaalkracht van niet meer dan 700 N.