BWBR0009107
Geldig vanaf 2007-02-13
Artikel 10.1
Regeling toelatingseisen
1. Koppelingskogels van personenauto's, bedrijfsauto's en driewielige motorrijtuigen moeten een vrije ruimte hebben zoals weergegeven in figuur 1.
2. De afstand van het hart van de koppelingskogel tot het wegdek moet, indien het voertuig is beladen tot de toegestane maximum massa, ten minste 350 mm doch niet meer dan 420 mm bedragen.
3. Een aan de koppelingskogel bevestigde kogelkoppeling moet vrij kunnen bewegen in hoeken van ten minste 25° (α) en 60° (ß), zoals weergegeven in figuur 1.
2. De afstand van het hart van de koppelingskogel tot het wegdek moet, indien het voertuig is beladen tot de toegestane maximum massa, ten minste 350 mm doch niet meer dan 420 mm bedragen.
3. Een aan de koppelingskogel bevestigde kogelkoppeling moet vrij kunnen bewegen in hoeken van ten minste 25° (α) en 60° (ß), zoals weergegeven in figuur 1.