BWBR0009107
Geldig vanaf 2007-02-13
Artikel 10.9
Regeling toelatingseisen
1. Het kortkoppelsysteem moet zijn voorzien van een mechanische eindaanslag waardoor losraken van het trekkende voertuig en de aanhangwagen onder alle bedrijfsomstandigheden wordt voorkomen.
2. Het moet mogelijk zijn tijdens het rijden met een samenstel van bedrijfsauto en aanhangwagen bij elke storing in het uitschuifsysteem en het bedieningssysteem van het kortkoppelsysteem de koppeling in de uiterste stand te brengen en in deze stand vast te houden.
3. De bedrijfsauto moet zijn voorzien van een akoestisch en van een optisch signaal die bij elke storing in het uitschuifsysteem en het bedieningssysteem van het kortkoppelsysteem de bestuurder waarschuwen. De goede werking van deze signalen moet kunnen worden gecontroleerd.
4. Bij stilstaande voertuigen mogen geen onbedoelde reacties van het kortkoppelsysteem kunnen voorkomen, ook niet bij langdurig parkeren op hellingen.
2. Het moet mogelijk zijn tijdens het rijden met een samenstel van bedrijfsauto en aanhangwagen bij elke storing in het uitschuifsysteem en het bedieningssysteem van het kortkoppelsysteem de koppeling in de uiterste stand te brengen en in deze stand vast te houden.
3. De bedrijfsauto moet zijn voorzien van een akoestisch en van een optisch signaal die bij elke storing in het uitschuifsysteem en het bedieningssysteem van het kortkoppelsysteem de bestuurder waarschuwen. De goede werking van deze signalen moet kunnen worden gecontroleerd.
4. Bij stilstaande voertuigen mogen geen onbedoelde reacties van het kortkoppelsysteem kunnen voorkomen, ook niet bij langdurig parkeren op hellingen.