BWBR0009107
Geldig vanaf 2007-02-13
Artikel 10.5
Regeling toelatingseisen
1. Het kortkoppelsysteem moet zodanig zijn uitgevoerd dat de betreffende voertuigen kunnen worden aan- en afgekoppeld.
2. Het kortkoppelsysteem moet automatisch werken.
3. Alle koppelingshandelingen moeten automatisch geschieden, waarbij het mechanische bedieningsmechanisme en de onderdelen die betrekking hebben op de trek- en stuurkrachten automatisch in werking worden gesteld.
4. Leidingen waarmee het systeem van energie wordt voorzien mogen met de hand worden aangesloten, indien:
a. de leidingen gemakkelijk toegankelijk zijn voor een persoon in staande positie, en
b. het samenstel van bedrijfsauto en aanhangwagen veilig kan rijden zonder dat deze leidingen zijn aangesloten.
5. Er moet gecontroleerd kunnen worden of de koppelinrichting op de juiste manier is vergrendeld.
2. Het kortkoppelsysteem moet automatisch werken.
3. Alle koppelingshandelingen moeten automatisch geschieden, waarbij het mechanische bedieningsmechanisme en de onderdelen die betrekking hebben op de trek- en stuurkrachten automatisch in werking worden gesteld.
4. Leidingen waarmee het systeem van energie wordt voorzien mogen met de hand worden aangesloten, indien:
a. de leidingen gemakkelijk toegankelijk zijn voor een persoon in staande positie, en
b. het samenstel van bedrijfsauto en aanhangwagen veilig kan rijden zonder dat deze leidingen zijn aangesloten.
5. Er moet gecontroleerd kunnen worden of de koppelinrichting op de juiste manier is vergrendeld.