BWBR0009107
Geldig vanaf 2007-02-13
Artikel 4.3
Regeling toelatingseisen
1. De last onder de as of assen van bedrijfsauto's in gebruik genomen vóór 1 januari 1995 mag niet meer bedragen dan:
a. de door de fabrikant van het voertuig opgegeven toegestane maximum last;
b. voor enige as: 10.000 kg voor een niet-aangedreven as en 11.500 kg voor een aangedreven as;
c. voor voertuigen met een asstel met twee niet-aangedreven assen: 1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,00 m, 11.000 kg te zamen,
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,00 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m, 16.000 kg te zamen,
3º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 18.000 kg te zamen;
1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,00 m, 11.000 kg te zamen,
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,00 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m, 16.000 kg te zamen,
3º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 18.000 kg te zamen;
d. voor voertuigen met een asstel met twee assen waarvan 1 of 2 assen zijn aangedreven: 1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,00 m, 11.500 kg te zamen,
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,00 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m, 16.000 kg te zamen,
3º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m: a. 18.000 kg te zamen,
b. 19.000 kg te zamen indien de aangedreven as is voorzien van banden in dubbele montage alsmede van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering,
c. 19.000 kg te zamen indien beide aangedreven assen zijn voorzien van banden in dubbele montage, waarbij de last onder ieder der assen niet meer mag bedragen dan 9500 kg.
a. 18.000 kg te zamen,
b. 19.000 kg te zamen indien de aangedreven as is voorzien van banden in dubbele montage alsmede van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering,
c. 19.000 kg te zamen indien beide aangedreven assen zijn voorzien van banden in dubbele montage, waarbij de last onder ieder der assen niet meer mag bedragen dan 9500 kg.
1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,00 m, 11.500 kg te zamen,
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,00 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m, 16.000 kg te zamen,
3º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m: a. 18.000 kg te zamen,
b. 19.000 kg te zamen indien de aangedreven as is voorzien van banden in dubbele montage alsmede van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering,
c. 19.000 kg te zamen indien beide aangedreven assen zijn voorzien van banden in dubbele montage, waarbij de last onder ieder der assen niet meer mag bedragen dan 9500 kg.
a. 18.000 kg te zamen,
b. 19.000 kg te zamen indien de aangedreven as is voorzien van banden in dubbele montage alsmede van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering,
c. 19.000 kg te zamen indien beide aangedreven assen zijn voorzien van banden in dubbele montage, waarbij de last onder ieder der assen niet meer mag bedragen dan 9500 kg.
e. voor voertuigen met een asstel met drie achter elkaar gelegen assen: 1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,30 m, 7.000 kg per as;
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 8.000 kg per as;
3º de onder 2 vermelde maximale aslasten mogen, indien het een aangedreven as betreft, worden verhoogd tot: a. 10.000 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven;
b. 9.000 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 24.000 kg te zamen;
a. 10.000 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven;
b. 9.000 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 24.000 kg te zamen;
4º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 9.000 kg per as mits het asstel is voorzien van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering;
5º de onder 4 vermelde maximale aslasten mogen, indien het een aangedreven as betreft die is voorzien van banden in dubbele montage, worden verhoogd tot: a. 11.500 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven,
b. 9.500 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 27.000 kg te zamen.
a. 11.500 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven,
b. 9.500 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 27.000 kg te zamen.
1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,30 m, 7.000 kg per as;
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 8.000 kg per as;
3º de onder 2 vermelde maximale aslasten mogen, indien het een aangedreven as betreft, worden verhoogd tot: a. 10.000 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven;
b. 9.000 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 24.000 kg te zamen;
a. 10.000 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven;
b. 9.000 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 24.000 kg te zamen;
4º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 9.000 kg per as mits het asstel is voorzien van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering;
5º de onder 4 vermelde maximale aslasten mogen, indien het een aangedreven as betreft die is voorzien van banden in dubbele montage, worden verhoogd tot: a. 11.500 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven,
b. 9.500 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 27.000 kg te zamen.
a. 11.500 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven,
b. 9.500 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 27.000 kg te zamen.
2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid mag de last onder enige as van een rijdend werktuig niet meer bedragen dan:
a. voor de bruikbaarheid als werktuig noodzakelijk is,
b. de door de fabrikant van het voertuig opgegeven toegestane maximum last, en
c. 12.000 kg per as.
3. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onderdeel c en d, onder 2, mag de last onder een asstel met twee achter elkaar gelegen enkele assen van bedrijfsauto's die vóór 1 mei 1993 in gebruik zijn genomen, niet meer bedragen dan 18.000 kg te zamen, indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,20 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m.
a. de door de fabrikant van het voertuig opgegeven toegestane maximum last;
b. voor enige as: 10.000 kg voor een niet-aangedreven as en 11.500 kg voor een aangedreven as;
c. voor voertuigen met een asstel met twee niet-aangedreven assen: 1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,00 m, 11.000 kg te zamen,
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,00 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m, 16.000 kg te zamen,
3º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 18.000 kg te zamen;
1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,00 m, 11.000 kg te zamen,
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,00 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m, 16.000 kg te zamen,
3º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 18.000 kg te zamen;
d. voor voertuigen met een asstel met twee assen waarvan 1 of 2 assen zijn aangedreven: 1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,00 m, 11.500 kg te zamen,
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,00 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m, 16.000 kg te zamen,
3º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m: a. 18.000 kg te zamen,
b. 19.000 kg te zamen indien de aangedreven as is voorzien van banden in dubbele montage alsmede van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering,
c. 19.000 kg te zamen indien beide aangedreven assen zijn voorzien van banden in dubbele montage, waarbij de last onder ieder der assen niet meer mag bedragen dan 9500 kg.
a. 18.000 kg te zamen,
b. 19.000 kg te zamen indien de aangedreven as is voorzien van banden in dubbele montage alsmede van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering,
c. 19.000 kg te zamen indien beide aangedreven assen zijn voorzien van banden in dubbele montage, waarbij de last onder ieder der assen niet meer mag bedragen dan 9500 kg.
1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,00 m, 11.500 kg te zamen,
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,00 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m, 16.000 kg te zamen,
3º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m: a. 18.000 kg te zamen,
b. 19.000 kg te zamen indien de aangedreven as is voorzien van banden in dubbele montage alsmede van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering,
c. 19.000 kg te zamen indien beide aangedreven assen zijn voorzien van banden in dubbele montage, waarbij de last onder ieder der assen niet meer mag bedragen dan 9500 kg.
a. 18.000 kg te zamen,
b. 19.000 kg te zamen indien de aangedreven as is voorzien van banden in dubbele montage alsmede van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering,
c. 19.000 kg te zamen indien beide aangedreven assen zijn voorzien van banden in dubbele montage, waarbij de last onder ieder der assen niet meer mag bedragen dan 9500 kg.
e. voor voertuigen met een asstel met drie achter elkaar gelegen assen: 1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,30 m, 7.000 kg per as;
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 8.000 kg per as;
3º de onder 2 vermelde maximale aslasten mogen, indien het een aangedreven as betreft, worden verhoogd tot: a. 10.000 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven;
b. 9.000 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 24.000 kg te zamen;
a. 10.000 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven;
b. 9.000 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 24.000 kg te zamen;
4º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 9.000 kg per as mits het asstel is voorzien van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering;
5º de onder 4 vermelde maximale aslasten mogen, indien het een aangedreven as betreft die is voorzien van banden in dubbele montage, worden verhoogd tot: a. 11.500 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven,
b. 9.500 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 27.000 kg te zamen.
a. 11.500 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven,
b. 9.500 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 27.000 kg te zamen.
1º indien de onderlinge afstand tussen de assen minder bedraagt dan 1,30 m, 7.000 kg per as;
2º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 8.000 kg per as;
3º de onder 2 vermelde maximale aslasten mogen, indien het een aangedreven as betreft, worden verhoogd tot: a. 10.000 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven;
b. 9.000 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 24.000 kg te zamen;
a. 10.000 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven;
b. 9.000 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 24.000 kg te zamen;
4º indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,30 m of meer bedraagt maar minder dan 1,80 m, 9.000 kg per as mits het asstel is voorzien van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering;
5º de onder 4 vermelde maximale aslasten mogen, indien het een aangedreven as betreft die is voorzien van banden in dubbele montage, worden verhoogd tot: a. 11.500 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven,
b. 9.500 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 27.000 kg te zamen.
a. 11.500 kg indien slechts één as van het asstel is aangedreven,
b. 9.500 kg indien twee assen van het asstel zijn aangedreven, waarbij de last onder het asstel niet meer mag bedragen dan 27.000 kg te zamen.
2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid mag de last onder enige as van een rijdend werktuig niet meer bedragen dan:
a. voor de bruikbaarheid als werktuig noodzakelijk is,
b. de door de fabrikant van het voertuig opgegeven toegestane maximum last, en
c. 12.000 kg per as.
3. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onderdeel c en d, onder 2, mag de last onder een asstel met twee achter elkaar gelegen enkele assen van bedrijfsauto's die vóór 1 mei 1993 in gebruik zijn genomen, niet meer bedragen dan 18.000 kg te zamen, indien de onderlinge afstand tussen de assen 1,20 m of meer bedraagt maar minder dan 1,30 m.