BWBR0035474
Geldig vanaf 2025-11-23
Artikel 4.13.1
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
In deze titel wordt verstaan onder:
accountant: een registeraccountant of een accountant-administratieconsulent ten aanzien van wie in het accountantsregister een aantekening is geplaatst als bedoeld in artikel 36, tweede lid, onderdeel i, van de Wet op het accountantsberoep;
bod: de subsidie-intensiteit die is opgenomen in de subsidieaanvraag;
CO2: CO2 of CO2-equivalent;
CO2-equivalent: de hoeveelheid CH4, N2O, HFK’s, PFK’s en SF6, die overeenkomstig de factoren in bijlage 4.13.1, onderdeel A, eenzelfde broeikaseffect oplevert als een massa eenheid CO2;
CO2-emissie: de optelsom van broeikasgasemissies naar de atmosfeer, uitgedrukt in CO2-equivalenten;
CO2-emissiereductie: de vermindering in uitstoot van broeikasgassen naar de atmosfeer;
NIKI CO2-emissiereductiemethode: de rekenmethode die is opgenomen in bijlage 4.13.2;
dispensatierecht: een overdraagbaar recht om gedurende het kalenderjaar een emissie van één ton CO2-equivalent in de lucht te veroorzaken in het kalenderjaar waarin die uitstoot plaatsvindt zonder toepassing van het tarief, genoemd in artikel 71p, eerste lid, onderdeel a, van de Wet belastingen op milieugrondslag;
exploitatieactiviteiten: activiteiten die zien op exploitatie van de NIKI-installatie of -installaties na ingebruikname;
exploitatiefase: de exploitatie van de NIKI-installatie of -installaties gedurende de looptijd van het NIKI-project;
industriële onderneming: een commerciële organisatie die: a. materiële goederen produceert, waarbij grondstoffen worden verwerkt en waarbij sprake is van een hoge graad van mechanisering en automatisering, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep C;
b. afvalwater inzamelt en behandelt, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep E, subgroep 37; of
c. doet aan terugwinning uit afval, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep E, subgroep 38.2;
a. materiële goederen produceert, waarbij grondstoffen worden verwerkt en waarbij sprake is van een hoge graad van mechanisering en automatisering, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep C;
b. afvalwater inzamelt en behandelt, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep E, subgroep 37; of
c. doet aan terugwinning uit afval, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep E, subgroep 38.2;
investeringsactiviteiten: activiteiten die nodig zijn om tot ingebruikname van de NIKI-installatie of -installaties te komen;
NIKI-installatie: een productie-installatie die in het NIKI-project wordt aangepast of gebouwd om CO2-emissies te verminderen. De NIKI-installatie betreft alleen de productie-installatie van de aanvrager, geen onderdelen van de voorgaande of navolgende stappen in de productieketen;
NIKI-product: een meetbare eenheid die in de NIKI-installatie of -installaties wordt geproduceerd, die fysiek getransporteerd kan worden, de poort van de productielocatie kan verlaten, economisch verhandelbaar is en een bron van opbrengsten is voor de industriële onderneming. CO2 wordt, ook als aan deze voorwaarden wordt voldaan, niet gezien als NIKI-product;
NIKI-project: een samenhangend geheel van activiteiten uitgevoerd in Nederland door een industriële onderneming waarbij een investering in een NIKI-installatie of -installaties plaatsvindt, dat binnen tien jaar na ingebruikname van de NIKI-installatie of -installaties leidt tot een CO2-emissiereductie van minimaal 100.000 ton CO2 ten opzichte van het referentieproduct of de referentieproducten en dat past binnen de in bijlage 4.13.1, onderdeel B, opgenomen omschrijving;
NIKI-rekenmethode: de rekenmethode die is opgenomen in bijlage 4.13.3;
overtollige dispensatierechten: het overschot aan dispensatierechten dat toe te schrijven is aan het NIKI-project en verhandeld zou kunnen worden;
opt out-regeling: het krijgen van toestemming om, bij wijze van uitzondering, niet deel te nemen aan het Europese emissiehandelssysteem, hoewel de installatie wel aan een van de deelnamecriteria voldoet;
productievolume: de totale hoeveelheid van NIKI-producten die door de NIKI-installatie of -installaties binnen de exploitatiefase, na ingebruikname van de NIKI-installatie of -installaties, worden vervaardigd;
referentieproduct: een verhandelbaar product dat in de markt wordt vervangen door een NIKI-product. De aanvrager wijst een referentieproduct aan dat dezelfde functie vervult als het NIKI-product, waarbij het niet noodzakelijkerwijs fysiek hetzelfde hoeft te zijn;
subsidie-intensiteit: het bedrag in euro’s subsidie per ton CO2-emissiereductie.
accountant: een registeraccountant of een accountant-administratieconsulent ten aanzien van wie in het accountantsregister een aantekening is geplaatst als bedoeld in artikel 36, tweede lid, onderdeel i, van de Wet op het accountantsberoep;
bod: de subsidie-intensiteit die is opgenomen in de subsidieaanvraag;
CO2: CO2 of CO2-equivalent;
CO2-equivalent: de hoeveelheid CH4, N2O, HFK’s, PFK’s en SF6, die overeenkomstig de factoren in bijlage 4.13.1, onderdeel A, eenzelfde broeikaseffect oplevert als een massa eenheid CO2;
CO2-emissie: de optelsom van broeikasgasemissies naar de atmosfeer, uitgedrukt in CO2-equivalenten;
CO2-emissiereductie: de vermindering in uitstoot van broeikasgassen naar de atmosfeer;
NIKI CO2-emissiereductiemethode: de rekenmethode die is opgenomen in bijlage 4.13.2;
dispensatierecht: een overdraagbaar recht om gedurende het kalenderjaar een emissie van één ton CO2-equivalent in de lucht te veroorzaken in het kalenderjaar waarin die uitstoot plaatsvindt zonder toepassing van het tarief, genoemd in artikel 71p, eerste lid, onderdeel a, van de Wet belastingen op milieugrondslag;
exploitatieactiviteiten: activiteiten die zien op exploitatie van de NIKI-installatie of -installaties na ingebruikname;
exploitatiefase: de exploitatie van de NIKI-installatie of -installaties gedurende de looptijd van het NIKI-project;
industriële onderneming: een commerciële organisatie die: a. materiële goederen produceert, waarbij grondstoffen worden verwerkt en waarbij sprake is van een hoge graad van mechanisering en automatisering, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep C;
b. afvalwater inzamelt en behandelt, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep E, subgroep 37; of
c. doet aan terugwinning uit afval, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep E, subgroep 38.2;
a. materiële goederen produceert, waarbij grondstoffen worden verwerkt en waarbij sprake is van een hoge graad van mechanisering en automatisering, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep C;
b. afvalwater inzamelt en behandelt, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep E, subgroep 37; of
c. doet aan terugwinning uit afval, genoemd in de Standaardbedrijfsindeling 2025, versie 2024, van het Centraal Bureau voor de Statistiek, hoofdgroep E, subgroep 38.2;
investeringsactiviteiten: activiteiten die nodig zijn om tot ingebruikname van de NIKI-installatie of -installaties te komen;
NIKI-installatie: een productie-installatie die in het NIKI-project wordt aangepast of gebouwd om CO2-emissies te verminderen. De NIKI-installatie betreft alleen de productie-installatie van de aanvrager, geen onderdelen van de voorgaande of navolgende stappen in de productieketen;
NIKI-product: een meetbare eenheid die in de NIKI-installatie of -installaties wordt geproduceerd, die fysiek getransporteerd kan worden, de poort van de productielocatie kan verlaten, economisch verhandelbaar is en een bron van opbrengsten is voor de industriële onderneming. CO2 wordt, ook als aan deze voorwaarden wordt voldaan, niet gezien als NIKI-product;
NIKI-project: een samenhangend geheel van activiteiten uitgevoerd in Nederland door een industriële onderneming waarbij een investering in een NIKI-installatie of -installaties plaatsvindt, dat binnen tien jaar na ingebruikname van de NIKI-installatie of -installaties leidt tot een CO2-emissiereductie van minimaal 100.000 ton CO2 ten opzichte van het referentieproduct of de referentieproducten en dat past binnen de in bijlage 4.13.1, onderdeel B, opgenomen omschrijving;
NIKI-rekenmethode: de rekenmethode die is opgenomen in bijlage 4.13.3;
overtollige dispensatierechten: het overschot aan dispensatierechten dat toe te schrijven is aan het NIKI-project en verhandeld zou kunnen worden;
opt out-regeling: het krijgen van toestemming om, bij wijze van uitzondering, niet deel te nemen aan het Europese emissiehandelssysteem, hoewel de installatie wel aan een van de deelnamecriteria voldoet;
productievolume: de totale hoeveelheid van NIKI-producten die door de NIKI-installatie of -installaties binnen de exploitatiefase, na ingebruikname van de NIKI-installatie of -installaties, worden vervaardigd;
referentieproduct: een verhandelbaar product dat in de markt wordt vervangen door een NIKI-product. De aanvrager wijst een referentieproduct aan dat dezelfde functie vervult als het NIKI-product, waarbij het niet noodzakelijkerwijs fysiek hetzelfde hoeft te zijn;
subsidie-intensiteit: het bedrag in euro’s subsidie per ton CO2-emissiereductie.