BWBR0035474
Geldig vanaf 2025-11-23
Artikel 3.19.9
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
1. De minister kent aan een project een hoger aantal punten toe naarmate:
a. het innovatiegehalte van het scheepsbouwinnovatieproject hoger is;
b. de bijdrage van het scheepsbouwinnovatieproject aan de verduurzaming van de scheepvaart groter is;
c. de economische potentie en toepassingsmogelijkheden van het scheepsbouwinnovatieproject groter zijn;
d. de kwaliteit van de aanvraag beter is.
2. De minister kent per onderdeel van het eerste lid ten hoogste 25 punten toe.
3. Indien de minister in één kalenderjaar meer aanvragen van een aanvrager of aanvragers behorende tot één groep heeft ontvangen, wordt bij de tweede aanvraag vijf punten in mindering gebracht, bij de derde aanvraag tien punten en elke volgende aanvraag vijftien punten.
4. De minister rangschikt de aanvragen waarop niet afwijzend is beslist hoger naarmate in totaal meer punten aan het scheepsbouwinnovatieproject zijn toegekend.
a. het innovatiegehalte van het scheepsbouwinnovatieproject hoger is;
b. de bijdrage van het scheepsbouwinnovatieproject aan de verduurzaming van de scheepvaart groter is;
c. de economische potentie en toepassingsmogelijkheden van het scheepsbouwinnovatieproject groter zijn;
d. de kwaliteit van de aanvraag beter is.
2. De minister kent per onderdeel van het eerste lid ten hoogste 25 punten toe.
3. Indien de minister in één kalenderjaar meer aanvragen van een aanvrager of aanvragers behorende tot één groep heeft ontvangen, wordt bij de tweede aanvraag vijf punten in mindering gebracht, bij de derde aanvraag tien punten en elke volgende aanvraag vijftien punten.
4. De minister rangschikt de aanvragen waarop niet afwijzend is beslist hoger naarmate in totaal meer punten aan het scheepsbouwinnovatieproject zijn toegekend.