BWBR0035474
Geldig vanaf 2025-11-23
Artikel 3.26.7
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
De minister beslist afwijzend op een aanvraag om subsidie indien:
a. na toepassing van artikel 3.26.8, eerste lid, onderdelen a tot en met e, en tweede lid, minder dan drie punten per criterium zijn toegekend;
b. de subsidiabele kosten minder dan € 500.000 bedragen;
c. de te verlenen subsidie voor een subsidieaanvrager binnen het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 3.26.2, derde lid, minder dan € 125.000 zou bedragen;
d. aan het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 3.26.2, derde lid, een geneeskundig leverancier deelneemt: 1°. waaraan eerder subsidie voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject verstrekt is op grond van deze titel; of
2°. die al eerder tijdens de desbetreffende openstellingsperiode een subsidieaanvraag voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject heeft ingediend op grond van deze titel;
1°. waaraan eerder subsidie voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject verstrekt is op grond van deze titel; of
2°. die al eerder tijdens de desbetreffende openstellingsperiode een subsidieaanvraag voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject heeft ingediend op grond van deze titel;
e. de activiteiten van het regeneratief geneeskundig onderzoeksproject niet voor ten minste 10 procent bestaan uit fundamenteel onderzoek;
f. de aanvraag, voor zover de subsidieaanvraag betrekking heeft op de activiteiten van een geneeskundig leverancier, activiteiten bevat die direct verband houden met: 1°. de omvang van de uitvoer naar andere lidstaten van de Europese Unie of derde landen;
2°. het oprichten en exploiteren van een distributienet ten behoeve van de uitvoer;
3°. andere lopende uitgaven direct verband houdend met activiteiten op het gebied van uitvoer; of
4°. het gebruik van binnenlandse in plaats van ingevoerde goederen en diensten;
1°. de omvang van de uitvoer naar andere lidstaten van de Europese Unie of derde landen;
2°. het oprichten en exploiteren van een distributienet ten behoeve van de uitvoer;
3°. andere lopende uitgaven direct verband houdend met activiteiten op het gebied van uitvoer; of
4°. het gebruik van binnenlandse in plaats van ingevoerde goederen en diensten;
g. de geneeskundig leverancier, in het geval het een geneeskundig leverancier betreft die een verklaring de-minimissteun als bedoeld in artikel 3.26.12, tweede lid, onderdeel e, heeft overgelegd, een onderneming in stand houdt: 1°. waartegen een collectieve insolventieprocedure loopt; of
2°. die voldoet aan de criteria om op verzoek van zijn schuldeisers aan een collectieve insolventieprocedure te worden onderworpen;
3°. die zich naar het op de rentemededeling gebaseerde oordeel van de minister bevindt in een situatie die vergelijkbaar is met een kredietrating van lager dan B.
1°. waartegen een collectieve insolventieprocedure loopt; of
2°. die voldoet aan de criteria om op verzoek van zijn schuldeisers aan een collectieve insolventieprocedure te worden onderworpen;
3°. die zich naar het op de rentemededeling gebaseerde oordeel van de minister bevindt in een situatie die vergelijkbaar is met een kredietrating van lager dan B.
a. na toepassing van artikel 3.26.8, eerste lid, onderdelen a tot en met e, en tweede lid, minder dan drie punten per criterium zijn toegekend;
b. de subsidiabele kosten minder dan € 500.000 bedragen;
c. de te verlenen subsidie voor een subsidieaanvrager binnen het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 3.26.2, derde lid, minder dan € 125.000 zou bedragen;
d. aan het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 3.26.2, derde lid, een geneeskundig leverancier deelneemt: 1°. waaraan eerder subsidie voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject verstrekt is op grond van deze titel; of
2°. die al eerder tijdens de desbetreffende openstellingsperiode een subsidieaanvraag voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject heeft ingediend op grond van deze titel;
1°. waaraan eerder subsidie voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject verstrekt is op grond van deze titel; of
2°. die al eerder tijdens de desbetreffende openstellingsperiode een subsidieaanvraag voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject heeft ingediend op grond van deze titel;
e. de activiteiten van het regeneratief geneeskundig onderzoeksproject niet voor ten minste 10 procent bestaan uit fundamenteel onderzoek;
f. de aanvraag, voor zover de subsidieaanvraag betrekking heeft op de activiteiten van een geneeskundig leverancier, activiteiten bevat die direct verband houden met: 1°. de omvang van de uitvoer naar andere lidstaten van de Europese Unie of derde landen;
2°. het oprichten en exploiteren van een distributienet ten behoeve van de uitvoer;
3°. andere lopende uitgaven direct verband houdend met activiteiten op het gebied van uitvoer; of
4°. het gebruik van binnenlandse in plaats van ingevoerde goederen en diensten;
1°. de omvang van de uitvoer naar andere lidstaten van de Europese Unie of derde landen;
2°. het oprichten en exploiteren van een distributienet ten behoeve van de uitvoer;
3°. andere lopende uitgaven direct verband houdend met activiteiten op het gebied van uitvoer; of
4°. het gebruik van binnenlandse in plaats van ingevoerde goederen en diensten;
g. de geneeskundig leverancier, in het geval het een geneeskundig leverancier betreft die een verklaring de-minimissteun als bedoeld in artikel 3.26.12, tweede lid, onderdeel e, heeft overgelegd, een onderneming in stand houdt: 1°. waartegen een collectieve insolventieprocedure loopt; of
2°. die voldoet aan de criteria om op verzoek van zijn schuldeisers aan een collectieve insolventieprocedure te worden onderworpen;
3°. die zich naar het op de rentemededeling gebaseerde oordeel van de minister bevindt in een situatie die vergelijkbaar is met een kredietrating van lager dan B.
1°. waartegen een collectieve insolventieprocedure loopt; of
2°. die voldoet aan de criteria om op verzoek van zijn schuldeisers aan een collectieve insolventieprocedure te worden onderworpen;
3°. die zich naar het op de rentemededeling gebaseerde oordeel van de minister bevindt in een situatie die vergelijkbaar is met een kredietrating van lager dan B.