BWBR0035474
Geldig vanaf 2025-11-23
Artikel 2.25.7
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
De minister besluit afwijzend op een aanvraag indien:
a. voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2.25.2, eerste lid, onderdelen b en d, geen subsidie wordt aangevraagd of niet-subsidiabele kosten worden opgevoerd;
b. aan een aanvraag in totaal minder dan 50 punten zijn toegekend op grond van artikel 2.25.8, eerste lid;
c. aan een aanvraag 0 punten zijn toegekend op grond van artikel 2.25.8, eerste lid, onderdelen a tot en met d;
d. aan een aanvraag, na vermenigvuldiging met de desbetreffende wegingsfactor zoals bedoeld in artikel 2.25.8, derde lid, minder dan 6 punten zijn toegekend op grond van artikel 2.25.8, eerste lid, onderdeel e;
e. de verlening van subsidie niet in overeenstemming zou zijn met de artikelen 14, 21, 32 of 38 van de groepsvrijstellingsverordening landbouw;
f. de subsidie wordt verleend aan een grote onderneming, die geen onderzoeksorganisatie is;
g. de subsidie minder bedraagt dan € 2.000.000;
h. niet ten minste 40% van de subsidie ten goede komt aan de activiteit, bedoeld in artikel 2.25.2, eerste lid, onderdeel b.
a. voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2.25.2, eerste lid, onderdelen b en d, geen subsidie wordt aangevraagd of niet-subsidiabele kosten worden opgevoerd;
b. aan een aanvraag in totaal minder dan 50 punten zijn toegekend op grond van artikel 2.25.8, eerste lid;
c. aan een aanvraag 0 punten zijn toegekend op grond van artikel 2.25.8, eerste lid, onderdelen a tot en met d;
d. aan een aanvraag, na vermenigvuldiging met de desbetreffende wegingsfactor zoals bedoeld in artikel 2.25.8, derde lid, minder dan 6 punten zijn toegekend op grond van artikel 2.25.8, eerste lid, onderdeel e;
e. de verlening van subsidie niet in overeenstemming zou zijn met de artikelen 14, 21, 32 of 38 van de groepsvrijstellingsverordening landbouw;
f. de subsidie wordt verleend aan een grote onderneming, die geen onderzoeksorganisatie is;
g. de subsidie minder bedraagt dan € 2.000.000;
h. niet ten minste 40% van de subsidie ten goede komt aan de activiteit, bedoeld in artikel 2.25.2, eerste lid, onderdeel b.