BWBR0002123
Geldig vanaf 1954-01-01
Artikel 57
Stoombesluit
1. Stoomtoestellen en damptoestellen mogen slechts worden gebruikt onder een werkdruk, waarbij het toestel geen gevaar oplevert; zijn zij voorzien van veiligheidskleppen of veiligheidsbuizen, dan mogen de veiligheidskleppen niet zwaarder zijn belast en de veiligheidsbuizen niet hoger zijn, dan overeenkomt met die werkdruk.
In afwijking van het bepaalde omtrent de grootte van veiligheidskleppen en veiligheidsbuizen in de artikelen 55, lid 2 en 3, en 56, lid 2, mogen deze een kleinere middellijn hebben dan de vastgestelde kleinste middellijn, indien het Hoofd van de Dienst schriftelijk heeft verklaard, dat hij deze kleinere middellijn voldoende acht.
2. Veiligheidskleppen en veiligheidsbuizen moeten voldoen aan het bepaalde in artikel 28, lid 1, eerste volzin.
Gewichtsbelasting is verplicht voor veiligheidskleppen van vaste toestellen, waarvan de middellijn van de klepopening niet kleiner is dan 50 mm.
3. Indien de veiligheidskleppen, als in dit artikel bedoeld, zijn voorzien van veerbelasting, moet - behoudens in het geval bedoeld in artikel 32, lid 2- op de ruimte, waarmede deze veiligheidskleppen in verbinding staan, tevens een contrôle-aansluiting zijn aangebracht, als bedoeld in artikel 14, lid 2.
4. Indien een stoomtoestel of damptoestel is voorzien van een peilglas, moet dit zijn ingericht, als omschreven in artikel 34, lid 1.
In afwijking van het bepaalde omtrent de grootte van veiligheidskleppen en veiligheidsbuizen in de artikelen 55, lid 2 en 3, en 56, lid 2, mogen deze een kleinere middellijn hebben dan de vastgestelde kleinste middellijn, indien het Hoofd van de Dienst schriftelijk heeft verklaard, dat hij deze kleinere middellijn voldoende acht.
2. Veiligheidskleppen en veiligheidsbuizen moeten voldoen aan het bepaalde in artikel 28, lid 1, eerste volzin.
Gewichtsbelasting is verplicht voor veiligheidskleppen van vaste toestellen, waarvan de middellijn van de klepopening niet kleiner is dan 50 mm.
3. Indien de veiligheidskleppen, als in dit artikel bedoeld, zijn voorzien van veerbelasting, moet - behoudens in het geval bedoeld in artikel 32, lid 2- op de ruimte, waarmede deze veiligheidskleppen in verbinding staan, tevens een contrôle-aansluiting zijn aangebracht, als bedoeld in artikel 14, lid 2.
4. Indien een stoomtoestel of damptoestel is voorzien van een peilglas, moet dit zijn ingericht, als omschreven in artikel 34, lid 1.