BWBR0002123
Geldig vanaf 1954-01-01
Artikel 17
Stoombesluit
1. Betreft het verzoek om vergunning een stoomtoestel of damptoestel, voor het in werking brengen waarvan nog nooit vergunning werd verleend, of waarvan de laatstverleende vergunning werd ingetrokken, dan moet de aanvraag vermelden:
1e. de naam en de plaats van vestiging van de gebruiker;
2e. de bestemming van het toestel;
3e. zo mogelijk de naam van de vervaardiger van het toestel, de plaats waar diens fabriek is gelegen, het fabrieksnummer van het toestel en het jaar, waarin het is vervaardigd;
4e. de gewenste werkdruk en de gewenste bedrijfstemperatuur van het toestel;
5e. het materiaal, waarvan het toestel is vervaardigd;
6e. de van belang zijnde eigenschappen van de stoffen, andere dan stoom of water, welke in het toestel zullen voorkomen;
7e. bij stoomtoestellen of damptoestellen, waarin damp wordt voortgebracht, de grootste hoeveelheid damp, welke per uur kan worden ontwikkeld, alsmede de uitgestrektheid van het verwarmd oppervlak;
8e. indien het toestel van veiligheidskleppen moet zijn voorzien, het aantal en de wijze van belasten van deze kleppen, alsmede de middellijn van de klepopening;
9e. de plaats, waar het toestel voor de keuring gereed zal staan.
Hierbij is overlegging vereist van een constructietekening in tweevoud van het toestel en zo mogelijk van opgaven omtrent de uitkomsten van het materiaalonderzoek.
2. Betreft het verzoek om vergunning een stoomtoestel of damptoestel, waarvan het gebruik wordt gewenst met afwijking van hetgeen in de bestaande vergunning is omschreven, dan moet de aanvraag de aard van de wijziging vermelden, alsmede de daarvoor in aanmerking komende opgaven, bedoeld in het voorgaande lid.
Hierbij is overlegging vereist van het bestaande vergunningsbewijs en, indien het Districtshoofd dit nodig oordeelt, tevens van een constructietekening in tweevoud van het toestel.
1e. de naam en de plaats van vestiging van de gebruiker;
2e. de bestemming van het toestel;
3e. zo mogelijk de naam van de vervaardiger van het toestel, de plaats waar diens fabriek is gelegen, het fabrieksnummer van het toestel en het jaar, waarin het is vervaardigd;
4e. de gewenste werkdruk en de gewenste bedrijfstemperatuur van het toestel;
5e. het materiaal, waarvan het toestel is vervaardigd;
6e. de van belang zijnde eigenschappen van de stoffen, andere dan stoom of water, welke in het toestel zullen voorkomen;
7e. bij stoomtoestellen of damptoestellen, waarin damp wordt voortgebracht, de grootste hoeveelheid damp, welke per uur kan worden ontwikkeld, alsmede de uitgestrektheid van het verwarmd oppervlak;
8e. indien het toestel van veiligheidskleppen moet zijn voorzien, het aantal en de wijze van belasten van deze kleppen, alsmede de middellijn van de klepopening;
9e. de plaats, waar het toestel voor de keuring gereed zal staan.
Hierbij is overlegging vereist van een constructietekening in tweevoud van het toestel en zo mogelijk van opgaven omtrent de uitkomsten van het materiaalonderzoek.
2. Betreft het verzoek om vergunning een stoomtoestel of damptoestel, waarvan het gebruik wordt gewenst met afwijking van hetgeen in de bestaande vergunning is omschreven, dan moet de aanvraag de aard van de wijziging vermelden, alsmede de daarvoor in aanmerking komende opgaven, bedoeld in het voorgaande lid.
Hierbij is overlegging vereist van het bestaande vergunningsbewijs en, indien het Districtshoofd dit nodig oordeelt, tevens van een constructietekening in tweevoud van het toestel.