BWBR0020368
Geldig vanaf 2015-11-11
Artikel 3a:110
Wet op het financieel toezicht
Voor de toepassing van de artikelen 2:26c, 2:35, 2:38en 2:39wordt een verkrijger met zetel in een andere lidstaat beschouwd als de rechtsopvolger van de entiteit in afwikkeling en kan deze alle rechten blijven uitoefenen die door die entiteit werden uitgeoefend met betrekking tot de activa of passiva die zijn overgegaan.