BWBR0020368
Geldig vanaf 2015-11-11
Artikel 3:148
Wet op het financieel toezicht
1. De Nederlandsche Bank kan indien zich in het geval, bedoeld in artikel 3:135, eerste lidof 3:136, eerste lid, uitzonderlijke omstandigheden voordoen op grond waarvan de financiële positie van de herverzekeraar met zetel in een niet-aangewezen staat of verzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat nog verder zal verslechteren, de vrije beschikking door de herverzekeraar of verzekeraar met beperkte risico-omvang over zijn waarden, die betrekking hebben op zijn vanuit Nederland uitgeoefende bedrijf, beperken of hem verbieden om anders dan met machtiging van de Nederlandsche Bank te beschikken over deze waarden.
2. Artikel 3:137, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. De Nederlandsche Bank heft de beperking of het verbod op zodra de herverzekeraar of verzekeraar met beperkte risico-omvang weer voldoet aan de bij of krachtens deze wet gestelde solvabiliteitseisen.
2. Artikel 3:137, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. De Nederlandsche Bank heft de beperking of het verbod op zodra de herverzekeraar of verzekeraar met beperkte risico-omvang weer voldoet aan de bij of krachtens deze wet gestelde solvabiliteitseisen.