BWBR0041636
Geldig vanaf 2019-06-01
Artikel 42
Dienst Buitenlandse Zaken Voorzieningenstelsel 2018
1. De ambtenaar kan, met in achtneming van het tweede tot en met vijfde lid, ten behoeve van zijn partner voor wie hij een verhoging van de standplaatstoelage ontvangt als bedoeld in artikel 14of artikel 44, derde lid, onder a, ten 1° en 2°, per periode van twaalf maanden tot ten hoogste € 3.350 aanspraak maken op een tegemoetkoming in de kosten voor:
a. een dienst of activiteit gericht op de professionele ontwikkeling ten behoeve van het verwerven of behouden van de positie op de arbeidsmarkt op de standplaats of elders;
b. het volgen van taallessen in een officiële taal dan wel een lokaal gebruikelijke voertaal van het land van plaatsing;
c. het volgen van taallessen Nederlands.
2. De in het eerste lid bedoelde tegemoetkoming geldt voor iedere door de ambtenaar gekozen periode van twaalf maanden waarvan de eerste periode niet eerder kan ingaan dan de dag waarop de ambtenaar zijn plaatsingsbesluit heeft ontvangen.
3. De in het eerste lid bedoelde tegemoetkoming wordt toegekend op basis van door de ambtenaar overgelegde bewijstukken waaruit blijkt dat de in het eerste lid bedoelde kosten zijn gemaakt voor diensten of activiteiten van een ter zake deskundige persoon of passende instelling.
4. Indien de plaatsing van de ambtenaar tijdens een periode van twaalf maanden als bedoeld in het eerste lid eindigt omdat hij in Nederland wordt geplaatst of hij ter beschikking wordt gehouden, wordt het in het eerste lid bedoelde bedrag voor die periode naar rato verlaagd en wordt het als gevolg daarvan teveel betaalde teruggevorderd. Terugvordering vindt niet plaats indien de ambtenaar ten tijde van het door hem of zijn partner aangaan van verplichtingen voor activiteiten, diensten of taallessen als bedoeld in het eerste lid in redelijkheid geen kennis kon hebben van de op handen zijnde beëindiging van zijn plaatsing binnen de in de eerste volzin bedoelde periode.
5. Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing bij beëindiging van de gezamenlijke huishouding op de post, het huwelijk, het geregistreerd partnerschap dan wel de notarieel verleden samenlevingsovereenkomst, bij ontslag van de ambtenaar en bij overlijden van de ambtenaar of de partner.
a. een dienst of activiteit gericht op de professionele ontwikkeling ten behoeve van het verwerven of behouden van de positie op de arbeidsmarkt op de standplaats of elders;
b. het volgen van taallessen in een officiële taal dan wel een lokaal gebruikelijke voertaal van het land van plaatsing;
c. het volgen van taallessen Nederlands.
2. De in het eerste lid bedoelde tegemoetkoming geldt voor iedere door de ambtenaar gekozen periode van twaalf maanden waarvan de eerste periode niet eerder kan ingaan dan de dag waarop de ambtenaar zijn plaatsingsbesluit heeft ontvangen.
3. De in het eerste lid bedoelde tegemoetkoming wordt toegekend op basis van door de ambtenaar overgelegde bewijstukken waaruit blijkt dat de in het eerste lid bedoelde kosten zijn gemaakt voor diensten of activiteiten van een ter zake deskundige persoon of passende instelling.
4. Indien de plaatsing van de ambtenaar tijdens een periode van twaalf maanden als bedoeld in het eerste lid eindigt omdat hij in Nederland wordt geplaatst of hij ter beschikking wordt gehouden, wordt het in het eerste lid bedoelde bedrag voor die periode naar rato verlaagd en wordt het als gevolg daarvan teveel betaalde teruggevorderd. Terugvordering vindt niet plaats indien de ambtenaar ten tijde van het door hem of zijn partner aangaan van verplichtingen voor activiteiten, diensten of taallessen als bedoeld in het eerste lid in redelijkheid geen kennis kon hebben van de op handen zijnde beëindiging van zijn plaatsing binnen de in de eerste volzin bedoelde periode.
5. Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing bij beëindiging van de gezamenlijke huishouding op de post, het huwelijk, het geregistreerd partnerschap dan wel de notarieel verleden samenlevingsovereenkomst, bij ontslag van de ambtenaar en bij overlijden van de ambtenaar of de partner.