BWBR0041636
Geldig vanaf 2019-06-01
Artikel 33
Dienst Buitenlandse Zaken Voorzieningenstelsel 2018
1. Indien een hoofd van een post of een plaatsvervangend hoofd van een post voor wie functieniveau 16 of hoger geldt, voor de functie-uitoefening huispersoneel in zijn persoonlijke dienst neemt of inhuurt en artikel 32, tweede lid, niet van toepassing is, worden de hieruit voortvloeiende noodzakelijke kosten aan hem vergoed uit het aan de desbetreffende post ter beschikking gestelde budget.
2. Onder de in het eerste lid bedoelde noodzakelijke kosten van het in persoonlijke dienst nemen van huispersoneel, worden in ieder geval verstaan:
a. het nettoloon, indien de ambtenaar verantwoordelijk is voor afdracht van loonbelasting, pensioenpremies en socialeverzekeringspremies, dan wel het brutoloon, indien het betrokken lid van het huispersoneel geheel of gedeeltelijk verantwoordelijk is voor afdracht van loonbelasting, pensioenpremies en socialeverzekeringspremies tot ten hoogste het ter plaatse gangbare loon voor gelijkwaardige arbeid;
b. de lokaal voorgeschreven belastingen, pensioenpremies en socialeverzekeringspremies voor zover de ambtenaar verantwoordelijk is voor de afdracht;
c. een bijdrage in de kosten van een ziektekostenverzekering voor zover het ter plaatse verplicht of gebruikelijk is deze bijdrage te betalen;
d. de kosten van verplichte kleding;
e. een vanwege de beëindiging van de overeenkomst met een lid van het huispersoneel betaalde ontslaguitkering of daarmee vergelijkbare uitkering, voor zover het ter plaatse verplicht of gebruikelijk is deze uitkering te betalen.
3. Onder de in het eerste lid bedoelde noodzakelijke kosten van het inhuren van huispersoneel worden verstaan: het bedrag betaald aan de persoon of organisatie die het lid van het huispersoneel ter beschikking heeft gesteld tot ten hoogste het ter plaatse gangbare bedrag voor inhuur van gelijkwaardige arbeid.
2. Onder de in het eerste lid bedoelde noodzakelijke kosten van het in persoonlijke dienst nemen van huispersoneel, worden in ieder geval verstaan:
a. het nettoloon, indien de ambtenaar verantwoordelijk is voor afdracht van loonbelasting, pensioenpremies en socialeverzekeringspremies, dan wel het brutoloon, indien het betrokken lid van het huispersoneel geheel of gedeeltelijk verantwoordelijk is voor afdracht van loonbelasting, pensioenpremies en socialeverzekeringspremies tot ten hoogste het ter plaatse gangbare loon voor gelijkwaardige arbeid;
b. de lokaal voorgeschreven belastingen, pensioenpremies en socialeverzekeringspremies voor zover de ambtenaar verantwoordelijk is voor de afdracht;
c. een bijdrage in de kosten van een ziektekostenverzekering voor zover het ter plaatse verplicht of gebruikelijk is deze bijdrage te betalen;
d. de kosten van verplichte kleding;
e. een vanwege de beëindiging van de overeenkomst met een lid van het huispersoneel betaalde ontslaguitkering of daarmee vergelijkbare uitkering, voor zover het ter plaatse verplicht of gebruikelijk is deze uitkering te betalen.
3. Onder de in het eerste lid bedoelde noodzakelijke kosten van het inhuren van huispersoneel worden verstaan: het bedrag betaald aan de persoon of organisatie die het lid van het huispersoneel ter beschikking heeft gesteld tot ten hoogste het ter plaatse gangbare bedrag voor inhuur van gelijkwaardige arbeid.