BWBR0041522
Geldig vanaf 2019-01-01
Artikel 4.2.12
Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
1. Indien er sprake is van een dringende reden van dienstbelang en de voorzitter of het lid van het dagelijks bestuur die buiten het waterschap verblijft, zou schade lijden als hij direct terugkeert naar het waterschap, legt hij zijn voornemen om vanwege deze reden terug te keren naar zijn waterschap voor aan de commissaris onderscheidenlijk de voorzitter.
2. Indien de commissaris onderscheidenlijk de voorzitter het in het eerste lid genoemde voornemen redelijk acht, wordt aan de voorzitter of het lid van het dagelijks bestuur ten laste van het waterschap een schadeloosstelling toegekend.
3. De schadeloosstelling betreft uitsluitend de direct uit de terugkeer voortvloeiende kosten van de voorzitter of het lid van het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur stelt de hoogte van de schadeloosstelling vast.
2. Indien de commissaris onderscheidenlijk de voorzitter het in het eerste lid genoemde voornemen redelijk acht, wordt aan de voorzitter of het lid van het dagelijks bestuur ten laste van het waterschap een schadeloosstelling toegekend.
3. De schadeloosstelling betreft uitsluitend de direct uit de terugkeer voortvloeiende kosten van de voorzitter of het lid van het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur stelt de hoogte van de schadeloosstelling vast.