BWBR0041522
Geldig vanaf 2019-01-01
Artikel 3.1.7
Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
1. Een raadslid heeft ten laste van de gemeente aanspraak op vergoeding van:
a. reiskosten en, als daar redelijkerwijs aanleiding voor is, verblijfkosten voor het bijwonen van vergaderingen van de gemeenteraad en commissies, en
b. reis- en verblijfkosten voor reizen binnen en buiten de gemeente gemaakt voor de uitoefening van de functie.
2. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de hoogte van de vergoedingen en de voorwaarden voor de aanspraken op grond van dit artikel.
a. reiskosten en, als daar redelijkerwijs aanleiding voor is, verblijfkosten voor het bijwonen van vergaderingen van de gemeenteraad en commissies, en
b. reis- en verblijfkosten voor reizen binnen en buiten de gemeente gemaakt voor de uitoefening van de functie.
2. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de hoogte van de vergoedingen en de voorwaarden voor de aanspraken op grond van dit artikel.