BWBR0041522
Geldig vanaf 2019-01-01
Artikel 4.1.5
Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
1. De vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 4.1.1, eerste lid, wordt voor de fractievoorzitters voor de duur van de uitoefening van het fractievoorzitterschap verhoogd met een toelage van € 89.46 per maand, vermeerderd met € 12,77 voor elk lid van het algemeen bestuur dat de fractie telt, de fractievoorzitter zelf niet meegerekend. De toelage bedraagt ten hoogste € 191,67 per maand.
2. Voor zover het fractievoorzitterschap in de loop van de maand begint of eindigt, wordt de toelage, bedoeld in het eerste lid, voor die maand naar evenredigheid van de duur van het fractievoorzitterschap toegekend.
3. Voor de toepassing van het eerste lid stelt de voorzitter vast:
a. hoeveel leden een fractie telt, en
b. de duur van het fractievoorzitterschap.
4. Als voor de ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een collectieve arbeidsovereenkomst een wijziging van het loon is overeengekomen, worden de bedragen in het eerste lid bij ministeriële regeling overeenkomstig gewijzigd.
2. Voor zover het fractievoorzitterschap in de loop van de maand begint of eindigt, wordt de toelage, bedoeld in het eerste lid, voor die maand naar evenredigheid van de duur van het fractievoorzitterschap toegekend.
3. Voor de toepassing van het eerste lid stelt de voorzitter vast:
a. hoeveel leden een fractie telt, en
b. de duur van het fractievoorzitterschap.
4. Als voor de ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een collectieve arbeidsovereenkomst een wijziging van het loon is overeengekomen, worden de bedragen in het eerste lid bij ministeriële regeling overeenkomstig gewijzigd.