BWBR0004052
Geldig vanaf 2012-04-26
Artikel 142
Reglement Dienst Buitenlandse Zaken
1. Met betrekking tot het overleg met de centrales van verenigingen van ambtenaren zijn de <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/105" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 105 tot en met 117 van het ARAR</a>van overeenkomstige toepassing, behoudens het gestelde in het tweede en derde lid.
2. Een voorgenomen besluit als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/113" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 113</a>en <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/115" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">115 van het ARAR</a>heeft betrekking op:
1°. ambtenaren;
2°. werknemers;
3°. honoraire consulaire ambtenaren;
4°. honoraire adviseurs;
5°. personen die ingevolge artikel 8, zesde lid, aan een tijdelijke diplomatieke zending zijn toegevoegd;
6°. bij een vertegenwoordiging van het Koninkrijk in het buitenland toegevoegde ambtenaren als bedoeld in artikel 8, vierde lid, met dien verstande dat met betrekking tot hen het overleg over de in artikel 113, eerste lid, van het ARAR bedoelde aangelegenheden alleen wordt gevoerd voor zover die aangelegenheden verband houden met hun toevoeging.
3. Onder «centrales van verenigingen van ambtenaren» en «centrales» in de <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/113" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 113 tot en met 117 van het ARAR</a>, wordt mede begrepen de Vereniging Dienst Buitenlandse Zaken.
2. Een voorgenomen besluit als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/113" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 113</a>en <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/115" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">115 van het ARAR</a>heeft betrekking op:
1°. ambtenaren;
2°. werknemers;
3°. honoraire consulaire ambtenaren;
4°. honoraire adviseurs;
5°. personen die ingevolge artikel 8, zesde lid, aan een tijdelijke diplomatieke zending zijn toegevoegd;
6°. bij een vertegenwoordiging van het Koninkrijk in het buitenland toegevoegde ambtenaren als bedoeld in artikel 8, vierde lid, met dien verstande dat met betrekking tot hen het overleg over de in artikel 113, eerste lid, van het ARAR bedoelde aangelegenheden alleen wordt gevoerd voor zover die aangelegenheden verband houden met hun toevoeging.
3. Onder «centrales van verenigingen van ambtenaren» en «centrales» in de <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/113" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 113 tot en met 117 van het ARAR</a>, wordt mede begrepen de Vereniging Dienst Buitenlandse Zaken.