BWBR0004052
Geldig vanaf 2012-04-26
Artikel 67
Reglement Dienst Buitenlandse Zaken
1. De ambtenaar kan in het belang van de rijksdienst worden verplicht om scholing te volgen, voor zover dat redelijkerwijs van hem kan worden verlangd. Bij het opleggen van de verplichting tot het volgen van scholing worden studiefaciliteiten toegekend.
2. De ambtenaar die is aangewezen als herplaatsingskandidaat als bedoeld in de artikelen 58cen 58d, die een studie volgt of gaat volgen die aantoonbaar bijdraagt aan het realiseren van vastgelegde loopbaanafspraken dan wel het kunnen plaatsen in een andere functie worden studiefaciliteiten toegekend.
3. De in het eerste en tweede lid bedoelde faciliteiten zijn:
a. een volledige vergoeding van de met de studie gemoeide scholingskosten;
b. 100% verlof met behoud van bezoldiging voor de tijd die is gemoeid met: 1° het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
2° contacturen die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
3° zelfstudie van maximaal een dag per week, en
4° het afleggen van examens.
1° het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
2° contacturen die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
3° zelfstudie van maximaal een dag per week, en
4° het afleggen van examens.
4. Aan de ambtenaar, niet zijnde de ambtenaar, bedoeld in het eerste of tweede lid, die een studie volgt of gaat volgen die naar het oordeel van het bevoegd gezag aantoonbaar bijdraagt aan het realiseren van vastgelegde loopbaanafspraken worden de volgende studiefaciliteiten toegekend:
a. een volledige vergoeding van de met de studie gemoeide scholingskosten;
b. 50% verlof met behoud van bezoldiging voor de tijd die is gemoeid met: 1° het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
2° contacturen die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
3° zelfstudie van maximaal een dag per week, en
4° het afleggen van examens.
1° het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
2° contacturen die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
3° zelfstudie van maximaal een dag per week, en
4° het afleggen van examens.
5. Aan de niet in het eerste tot en met vierde lid bedoelde ambtenaar die een studie volgt of gaat volgen, kan het bevoegd gezag de volgende studiefaciliteiten toekennen:
a. een vergoeding van de met de studie gemoeide scholingskosten tot ten hoogste 50% van deze scholingskosten;
b. ten hoogste 25% verlof met behoud van bezoldiging voor de tijd die is gemoeid met het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding, en het afleggen van examens.
6. De ambtenaar kan worden verplicht tot terugbetaling van de aan hem toegekende vergoeding van de scholingskosten:
a. bij onvoldoende resultaat in de scholing en bij tussentijds afbreken van de scholing, indien dit aan eigen schuld of toedoen van de ambtenaar is te wijten;
b. bij ontslag tijdens het volgen van de scholing en in bijzondere gevallen bij ontslag binnen een termijn van ten hoogste drie jaren na het met voldoende resultaat afronden van de scholing, tenzij de ambtenaar binnen een maand na zijn ontslag elders in dienst treedt binnen de rijksdienst of aansluitend aan zijn ontslag recht heeft op een uitkering op grond van werkloosheid, arbeidsongeschiktheid of ouderdomspensioen.
7. De verplichting tot terugbetaling wordt niet opgelegd aan de ambtenaar die binnen de in artikel 58fbedoelde termijn nadat hij is aangewezen als herplaatsingskandidaat als bedoeld in de artikelen 58cen 58d, op zijn aanvraag eervol ontslag wordt verleend wegens de aanvaarding van een functie buiten de rijksdienst.
8. Onze Minister kan toestaan dat het verlof voor zelfstudie, bedoeld in het derde lid, onderdeel b, onder 3°, en vierde lid, onderdeel b, onder 3°, geldt voor meer dan maximaal een dag per week.
9. Op reizen en verblijf en de vergoeding van de daaruit voortvloeiende kosten, die de ambtenaar in het kader van scholing als bedoeld in het eerste, tweede of vierde lid maakt, is het bepaalde bij of krachtens het <a href="/wet/BWBR0005889" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Reisbesluit binnenland</a>of het <a href="/wet/BWBR0006842" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Reisbesluit buitenland</a>van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
a. in afwijking van artikel 6, tweede lid, van het Reisbesluit binnenland de vergoeding van kosten, voor zover binnen Nederland met de trein wordt gereisd, gelijk is aan de gemaakte kosten op basis van het tarief van de tweede klasse, en;
b. Onze Minister, voor zover het reizen betreft waarvan het beginpunt of het eindpunt buiten Nederland ligt, kan afwijken van het krachtens artikel 6, vierde lid, van het Reisbesluit buitenland bepaalde.
10. In deze bepaling wordt onder scholingskosten verstaan de kosten voor de door de onderwijsinstelling verplicht gestelde onderwijsmiddelen, les- en examengelden en verplicht gestelde excursies of studiereizen.
2. De ambtenaar die is aangewezen als herplaatsingskandidaat als bedoeld in de artikelen 58cen 58d, die een studie volgt of gaat volgen die aantoonbaar bijdraagt aan het realiseren van vastgelegde loopbaanafspraken dan wel het kunnen plaatsen in een andere functie worden studiefaciliteiten toegekend.
3. De in het eerste en tweede lid bedoelde faciliteiten zijn:
a. een volledige vergoeding van de met de studie gemoeide scholingskosten;
b. 100% verlof met behoud van bezoldiging voor de tijd die is gemoeid met: 1° het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
2° contacturen die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
3° zelfstudie van maximaal een dag per week, en
4° het afleggen van examens.
1° het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
2° contacturen die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
3° zelfstudie van maximaal een dag per week, en
4° het afleggen van examens.
4. Aan de ambtenaar, niet zijnde de ambtenaar, bedoeld in het eerste of tweede lid, die een studie volgt of gaat volgen die naar het oordeel van het bevoegd gezag aantoonbaar bijdraagt aan het realiseren van vastgelegde loopbaanafspraken worden de volgende studiefaciliteiten toegekend:
a. een volledige vergoeding van de met de studie gemoeide scholingskosten;
b. 50% verlof met behoud van bezoldiging voor de tijd die is gemoeid met: 1° het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
2° contacturen die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
3° zelfstudie van maximaal een dag per week, en
4° het afleggen van examens.
1° het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
2° contacturen die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding;
3° zelfstudie van maximaal een dag per week, en
4° het afleggen van examens.
5. Aan de niet in het eerste tot en met vierde lid bedoelde ambtenaar die een studie volgt of gaat volgen, kan het bevoegd gezag de volgende studiefaciliteiten toekennen:
a. een vergoeding van de met de studie gemoeide scholingskosten tot ten hoogste 50% van deze scholingskosten;
b. ten hoogste 25% verlof met behoud van bezoldiging voor de tijd die is gemoeid met het volgen van lessen en stages die een onlosmakelijk onderdeel uitmaken van de opleiding, en het afleggen van examens.
6. De ambtenaar kan worden verplicht tot terugbetaling van de aan hem toegekende vergoeding van de scholingskosten:
a. bij onvoldoende resultaat in de scholing en bij tussentijds afbreken van de scholing, indien dit aan eigen schuld of toedoen van de ambtenaar is te wijten;
b. bij ontslag tijdens het volgen van de scholing en in bijzondere gevallen bij ontslag binnen een termijn van ten hoogste drie jaren na het met voldoende resultaat afronden van de scholing, tenzij de ambtenaar binnen een maand na zijn ontslag elders in dienst treedt binnen de rijksdienst of aansluitend aan zijn ontslag recht heeft op een uitkering op grond van werkloosheid, arbeidsongeschiktheid of ouderdomspensioen.
7. De verplichting tot terugbetaling wordt niet opgelegd aan de ambtenaar die binnen de in artikel 58fbedoelde termijn nadat hij is aangewezen als herplaatsingskandidaat als bedoeld in de artikelen 58cen 58d, op zijn aanvraag eervol ontslag wordt verleend wegens de aanvaarding van een functie buiten de rijksdienst.
8. Onze Minister kan toestaan dat het verlof voor zelfstudie, bedoeld in het derde lid, onderdeel b, onder 3°, en vierde lid, onderdeel b, onder 3°, geldt voor meer dan maximaal een dag per week.
9. Op reizen en verblijf en de vergoeding van de daaruit voortvloeiende kosten, die de ambtenaar in het kader van scholing als bedoeld in het eerste, tweede of vierde lid maakt, is het bepaalde bij of krachtens het <a href="/wet/BWBR0005889" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Reisbesluit binnenland</a>of het <a href="/wet/BWBR0006842" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Reisbesluit buitenland</a>van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
a. in afwijking van artikel 6, tweede lid, van het Reisbesluit binnenland de vergoeding van kosten, voor zover binnen Nederland met de trein wordt gereisd, gelijk is aan de gemaakte kosten op basis van het tarief van de tweede klasse, en;
b. Onze Minister, voor zover het reizen betreft waarvan het beginpunt of het eindpunt buiten Nederland ligt, kan afwijken van het krachtens artikel 6, vierde lid, van het Reisbesluit buitenland bepaalde.
10. In deze bepaling wordt onder scholingskosten verstaan de kosten voor de door de onderwijsinstelling verplicht gestelde onderwijsmiddelen, les- en examengelden en verplicht gestelde excursies of studiereizen.