BWBR0004052
Geldig vanaf 2012-04-26
Artikel 85
Reglement Dienst Buitenlandse Zaken
1. De ambtenaar heeft aanspraak op een gratificatie bij ambtsjubileum, overeenkomstig de door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties krachtens <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/79" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 79, eerste lid, van het ARAR</a>te stellen regels.
2. De ambtenaar die een diensttijd heeft van tien jaar of meer en aan wie ontslag is verleend op grond van 104, eerste lid, onder e, wordt een diensttijdgratificatie toegekend, indien binnen een termijn van vijf jaar na de datum van ingang van het ontslag aanspraak op een gratificatie bij ambtsjubileum zou hebben bestaan. De diensttijdgratificatie bedraagt een in verhouding tot de doorgebrachte diensttijd evenredig gedeelte van een gratificatie bij ambtsjubileum als bedoeld in het eerste lid.
2. De ambtenaar die een diensttijd heeft van tien jaar of meer en aan wie ontslag is verleend op grond van 104, eerste lid, onder e, wordt een diensttijdgratificatie toegekend, indien binnen een termijn van vijf jaar na de datum van ingang van het ontslag aanspraak op een gratificatie bij ambtsjubileum zou hebben bestaan. De diensttijdgratificatie bedraagt een in verhouding tot de doorgebrachte diensttijd evenredig gedeelte van een gratificatie bij ambtsjubileum als bedoeld in het eerste lid.