BWBR0005792
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 90n
Wet toezicht kredietwezen 1992
1. De Bank kan, in afwijking van artikel 64, teneinde de naleving van deze wet te bevorderen ter openbare kennis brengen:
haar weigering om een aangevraagde vergunning, ontheffing of verklaring van geen bezwaar te verlenen, wanneer deze weigering niet meer in beroep kan worden getroffen en de aanvrager handelt als was hem de vergunning, ontheffing of verklaring van geen bezwaar verleend;
het feit dat een onderneming of instelling waarop naar haar oordeel het verbod, bedoeld in artikel 6 of artikel 38 van toepassing is, niet over een vergunning beschikt;
het feit dat een in een andere Lid-Staat gevestigde onderneming of instelling in strijd met artikel 31 door middel van een bijkantoor in Nederland het bedrijf van kredietinstelling uitoefent;
het feit dat een in een andere Lid-Staat gevestigde onderneming of instelling die het bedrijf van kredietinstelling uitoefent in strijd met artikel 32 onderscheidenlijk artikel 32a door middel van het verrichten van diensten in Nederland al dan niet op termijn opvorderbare gelden van het publiek ter beschikking verkrijgt dan wel gelden ter beschikking krijgt in ruil waarvoor elektronisch geld wordt uitgegeven;
het feit dat een onderneming of instelling handelt in strijd met artikel 38a;
het feit dat een onderneming of instelling handelt in strijd met artikel 82;
het feit dat het woord «bank» of vertalingen of vormen daarvan worden gebezigd in strijd met artikel 83.
haar weigering om een aangevraagde vergunning, ontheffing of verklaring van geen bezwaar te verlenen, wanneer deze weigering niet meer in beroep kan worden getroffen en de aanvrager handelt als was hem de vergunning, ontheffing of verklaring van geen bezwaar verleend;
het feit dat een onderneming of instelling waarop naar haar oordeel het verbod, bedoeld in artikel 6 of artikel 38 van toepassing is, niet over een vergunning beschikt;
het feit dat een in een andere Lid-Staat gevestigde onderneming of instelling in strijd met artikel 31 door middel van een bijkantoor in Nederland het bedrijf van kredietinstelling uitoefent;
het feit dat een in een andere Lid-Staat gevestigde onderneming of instelling die het bedrijf van kredietinstelling uitoefent in strijd met artikel 32 onderscheidenlijk artikel 32a door middel van het verrichten van diensten in Nederland al dan niet op termijn opvorderbare gelden van het publiek ter beschikking verkrijgt dan wel gelden ter beschikking krijgt in ruil waarvoor elektronisch geld wordt uitgegeven;
het feit dat een onderneming of instelling handelt in strijd met artikel 38a;
het feit dat een onderneming of instelling handelt in strijd met artikel 82;
het feit dat het woord «bank» of vertalingen of vormen daarvan worden gebezigd in strijd met artikel 83.