BWBR0005792
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 115
Wet toezicht kredietwezen 1992
1. Een ontheffing die is verleend op grond van artikel 42 van de Wet toezicht kredietwezen wordt geacht te zijn verleend op grond van artikel 82.
2. In afwijking van het eerste lid wordt de in een andere Lid-Staat gevestigde onderneming of instelling die, op het tijdstip waarop deze wet in werking treedt, het bedrijf van kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°uitoefent en al dan niet op termijn opvorderbare gelden ter beschikking verkrijgt door middel van het verrichten van diensten in Nederland en die daarvoor een ontheffing als bedoeld in artikel 42 van de Wet toezicht kredietwezen heeft verkregen en die van de toezichthoudende autoriteit van de andere Lid-Staat een voor de uitoefening van het bedrijf van kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°benodigde vergunning heeft verkregen, geacht te hebben voldaan aan artikel 32, eerste lid, onder <em>b</em>.
2. In afwijking van het eerste lid wordt de in een andere Lid-Staat gevestigde onderneming of instelling die, op het tijdstip waarop deze wet in werking treedt, het bedrijf van kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°uitoefent en al dan niet op termijn opvorderbare gelden ter beschikking verkrijgt door middel van het verrichten van diensten in Nederland en die daarvoor een ontheffing als bedoeld in artikel 42 van de Wet toezicht kredietwezen heeft verkregen en die van de toezichthoudende autoriteit van de andere Lid-Staat een voor de uitoefening van het bedrijf van kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°benodigde vergunning heeft verkregen, geacht te hebben voldaan aan artikel 32, eerste lid, onder <em>b</em>.