BWBR0004608
Geldig vanaf 2003-06-01
Artikel 41b
Wet op de jeugdhulpverlening
1. Een jeugdige aan wie hulpverlening wordt geboden in een op grond van deze wet voor bekostiging in aanmerking gebrachte voorziening van residentiële hulpverlening, is aan de uitvoerder van de desbetreffende voorziening een bijdrage verschuldigd in de kosten van verzorging en verblijf.
2. In de gevallen, bedoeld in artikel 41a, eerste lid, onder b, is de jeugdige aan het Rijk een bijdrage verschuldigd in de kosten van verzorging en verblijf.
3. De eigen bijdrage wordt vastgesteld naar het inkomen van de jeugdige. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent het inkomen dat bij de vaststelling van de bijdrage in aanmerking wordt genomen en omtrent de hoogte van de bijdrage.
2. In de gevallen, bedoeld in artikel 41a, eerste lid, onder b, is de jeugdige aan het Rijk een bijdrage verschuldigd in de kosten van verzorging en verblijf.
3. De eigen bijdrage wordt vastgesteld naar het inkomen van de jeugdige. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent het inkomen dat bij de vaststelling van de bijdrage in aanmerking wordt genomen en omtrent de hoogte van de bijdrage.