BWBR0004608
Geldig vanaf 2003-06-01
Artikel 3
Wet op de jeugdhulpverlening
1. De steunfuncties, alsmede de voorzieningen van tertiaire hulpverlening en de voorzieningen van secundaire hulpverlening, die in verband met de spreiding van de doelgroep gericht zijn op jeugdigen uit het hele land of grote delen daarvan, verder te noemen: landelijke voorzieningen, behoren tot de bemoeiing van het Rijk.
2. De overige voorzieningen, verder te noemen: regionale voorzieningen, behoren onverminderd het derde lid, tot de bemoeiing van de provincies.
3. Een regionale voorziening die voldoet aan het bepaalde bij of krachtens deze wet, kan, mits de overheid tot wier bemoeiing de voorziening behoort, heeft verklaard dat de voorziening past in het plan, worden gesubsidieerd door een gemeente.
2. De overige voorzieningen, verder te noemen: regionale voorzieningen, behoren onverminderd het derde lid, tot de bemoeiing van de provincies.
3. Een regionale voorziening die voldoet aan het bepaalde bij of krachtens deze wet, kan, mits de overheid tot wier bemoeiing de voorziening behoort, heeft verklaard dat de voorziening past in het plan, worden gesubsidieerd door een gemeente.