BWBR0003793
Geldig vanaf 1985-10-15
Artikel 49
Landinrichtingswet
1. Indien bij het besluit tot herinrichting is besloten tot herverkaveling van het gebied of van één of meer gedeelten daarvan, is het, nadat het besluit tot herinrichting is genomen, eigenaren en gebruiksgerechtigden van in een blok gelegen onroerende zaken verboden handelingen te verrichten, of handelingen welke voor een normale bedrijfsvoering zijn vereist, achterwege te laten, indien daardoor de waarde van de betrokken onroerende zaken zou veranderen, tenzij de landinrichtingscommissie daarmee heeft ingestemd.
2. Waardevermeerdering, ontstaan nadat het besluit tot herinrichting is genomen, behoeft niet te worden vergoed, tenzij deze waardevermeerdering het gevolg is van handelingen, waarmee de landinrichtingscommissie heeft ingestemd.
2. Waardevermeerdering, ontstaan nadat het besluit tot herinrichting is genomen, behoeft niet te worden vergoed, tenzij deze waardevermeerdering het gevolg is van handelingen, waarmee de landinrichtingscommissie heeft ingestemd.