BWBR0003793
Geldig vanaf 1985-10-15
Artikel 128
Landinrichtingswet
1. Binnen het in te richten gebied kunnen op de terreinen metingen en waarnemingen worden verricht en tekens worden gesteld en binnen een blok kan houtgewas worden geplant en gekapt, en kunnen zoden, aarde, grind en andere specie aan de terreinen worden onttrokken of daarop worden neergelegd.
2. Binnen een blok kunnen werken worden uitgevoerd met betrekking tot de ontsluiting, waterbeheersing, inrichting en profielopbouw der gronden.
3. Binnen een blok kunnen opstallen worden afgebroken, verbouwd, verplaatst, gebouwd of herbouwd, indien dit naar het oordeel van Onze Minister nodig is ter verwezenlijking van het landinrichtingsplan, of een vastgesteld gedeelte daarvan.
4. De uitvoering van de werken, bedoeld in het eerste-derde lid mag niet ter hand worden genomen, alvorens door de zorg van de landinrichtingscommissie een beschrijving is gemaakt van de betrokken onroerende zaak, door middel van daartoe geschikte middelen, voor zover dit niet bij de eerste schatting is geschied.
2. Binnen een blok kunnen werken worden uitgevoerd met betrekking tot de ontsluiting, waterbeheersing, inrichting en profielopbouw der gronden.
3. Binnen een blok kunnen opstallen worden afgebroken, verbouwd, verplaatst, gebouwd of herbouwd, indien dit naar het oordeel van Onze Minister nodig is ter verwezenlijking van het landinrichtingsplan, of een vastgesteld gedeelte daarvan.
4. De uitvoering van de werken, bedoeld in het eerste-derde lid mag niet ter hand worden genomen, alvorens door de zorg van de landinrichtingscommissie een beschrijving is gemaakt van de betrokken onroerende zaak, door middel van daartoe geschikte middelen, voor zover dit niet bij de eerste schatting is geschied.