BWBR0003793
Geldig vanaf 1985-10-15
Artikel 196
Landinrichtingswet
1. Met betrekking tot ieder blok ontwerpt de landinrichtingscommissie, met inachtneming van de regels, bedoeld in artikel 195, eerste lid, een plan van toedeling.
2. Het plan van toedeling bevat:
a. de kavelindeling;
b. de toedeling ingevolge Titel 1 van rechten met betrekking tot de gronden, die niet ingevolge de artikelen 133 en 137 zijn toegewezen;
c. de ingevolge Titel 2 te handhaven, op te heffen en te vestigen pachtverhoudingen, onder vermelding van de in artikel 153, tweede lid, bedoelde bepalingen inzake de duur en de verlengbaarheid van de pachtovereenkomst;
d. de in artikel 160 bedoelde regeling, opheffing of vestiging van de beperkte rechten, het recht van huur en lasten, welke met betrekking tot de onroerende zaken bestaan;
e. de bepalingen inzake de ingebruikneming van de kavels.
2. Het plan van toedeling bevat:
a. de kavelindeling;
b. de toedeling ingevolge Titel 1 van rechten met betrekking tot de gronden, die niet ingevolge de artikelen 133 en 137 zijn toegewezen;
c. de ingevolge Titel 2 te handhaven, op te heffen en te vestigen pachtverhoudingen, onder vermelding van de in artikel 153, tweede lid, bedoelde bepalingen inzake de duur en de verlengbaarheid van de pachtovereenkomst;
d. de in artikel 160 bedoelde regeling, opheffing of vestiging van de beperkte rechten, het recht van huur en lasten, welke met betrekking tot de onroerende zaken bestaan;
e. de bepalingen inzake de ingebruikneming van de kavels.