BWBR0003793
Geldig vanaf 1985-10-15
Artikel 184
Landinrichtingswet
Nadat alle rechten betreffende de tot een blok behorende onroerende zaken zijn komen vast te staan, worden zij met wie geen overeenstemming omtrent de uitkomsten der schattingen is verkregen, één of meer vertegenwoordigers van Onze Minister alsmede van de landinrichtingscommissie en de aan deze toegevoegde ingenieur van het kadaster of diens plaatsvervanger door de griffier van de rechtbank bij aangetekende brief opgeroepen om te verschijnen op een door de rechtbank vastgestelde terechtzitting.