BWBR0003793
Geldig vanaf 1985-10-15
Artikel 37
Landinrichtingswet
1. Op de voorbereiding van een ontwerp-landinrichtingsprogramma als bedoeld in artikel 40, eerste lid, is <a href="/wet/BWBR0005537" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht</a>van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat daaraan toepassing wordt gegeven door de landinrichtingscommissie. Onder het in het tweede lid bedoelde voorontwerp van het landinrichtingsprogramma wordt het ingevolge <a href="/wet/BWBR0005537/artikel/3:11" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3:11, eerste lid</a>, door de landinrichtingscommissie ter inzage te leggen ontwerp verstaan.
2. De landinrichtingscommissie stelt een voorontwerp van het landinrichtingsprogramma op na overleg met de colleges van burgemeester en wethouders van de betrokken gemeenten en de besturen van de betrokken waterschappen.
3. Het voorontwerp kan met betrekking tot eenzelfde aangelegenheid meer dan één mogelijkheid van te treffen maatregelen of voorzieningen bevatten.
4. Onder betrokken gemeenten en waterschappen worden verstaan de gemeenten en waterschappen, waarin het gebied als bedoeld in artikel 35, eerste lid, onder a, is gelegen.
2. De landinrichtingscommissie stelt een voorontwerp van het landinrichtingsprogramma op na overleg met de colleges van burgemeester en wethouders van de betrokken gemeenten en de besturen van de betrokken waterschappen.
3. Het voorontwerp kan met betrekking tot eenzelfde aangelegenheid meer dan één mogelijkheid van te treffen maatregelen of voorzieningen bevatten.
4. Onder betrokken gemeenten en waterschappen worden verstaan de gemeenten en waterschappen, waarin het gebied als bedoeld in artikel 35, eerste lid, onder a, is gelegen.