BWBR0011837
Geldig vanaf 2000-12-02
Artikel 2.4.8.3
Regeling subsidies AWBZ en Ziekenfondswet
1. Het subsidieplafond voor de te subsidiëren projecten bedraagt voor het jaar 2005 € 835 332.
2. De subsidie bedraagt maximaal:
voor de Landelijke beroepsvereniging STING 45% van het in het eerste lid genoemde bedrag;
voor de Nederlandse Vereniging van Verpleeghuisartsen 35 % van het in het eerste lid genoemde bedrag;
voor de Algemene Vergadering Verplegenden en Verzorgenden/het Landelijk Centrum Verpleging en Verzorging 20 % van het in het eerste lid genoemde bedrag.
3. Indien een project betrekking heeft op verscheidene beroepsgroepen, wordt het project evenredig naar deelname aan de verschillende beroepsgroepen toegerekend.
4. Bij niet volledige aanwending van de subsidie door een subsidieontvanger als bedoeld in het tweede lid, kunnen de subsidies aan de overige subsidieontvangers worden verhoogd met maximaal het bedrag dat niet is aangewend.
5. In afwijking van artikel 1.6.1, tweede lid, dient de aanvraag van een projectsubsidie voor 1 maart 2005 ingediend te worden.
6. Indien het totaalbedrag van de voor subsidie in aanmerking komende aanvragen voor een beroepsgroep hoger is dan het subsidieplafond, wordt bij de subsidieverlening voorrang verleend aan de projecten die in vergelijking met andere projecten naar het oordeel van het College zorgverzekeringen meer bijdragen aan de verwezenlijking van het doel van de subsidie.
2. De subsidie bedraagt maximaal:
voor de Landelijke beroepsvereniging STING 45% van het in het eerste lid genoemde bedrag;
voor de Nederlandse Vereniging van Verpleeghuisartsen 35 % van het in het eerste lid genoemde bedrag;
voor de Algemene Vergadering Verplegenden en Verzorgenden/het Landelijk Centrum Verpleging en Verzorging 20 % van het in het eerste lid genoemde bedrag.
3. Indien een project betrekking heeft op verscheidene beroepsgroepen, wordt het project evenredig naar deelname aan de verschillende beroepsgroepen toegerekend.
4. Bij niet volledige aanwending van de subsidie door een subsidieontvanger als bedoeld in het tweede lid, kunnen de subsidies aan de overige subsidieontvangers worden verhoogd met maximaal het bedrag dat niet is aangewend.
5. In afwijking van artikel 1.6.1, tweede lid, dient de aanvraag van een projectsubsidie voor 1 maart 2005 ingediend te worden.
6. Indien het totaalbedrag van de voor subsidie in aanmerking komende aanvragen voor een beroepsgroep hoger is dan het subsidieplafond, wordt bij de subsidieverlening voorrang verleend aan de projecten die in vergelijking met andere projecten naar het oordeel van het College zorgverzekeringen meer bijdragen aan de verwezenlijking van het doel van de subsidie.