BWBR0017699
Geldig vanaf 2010-02-05
Artikel 55
Regeling monitoring handel in emissierechten
1. Degene die een inrichting drijft, stelt voor de uitvoering van de interne audit een procedure vast die voldoet aan de vereisten, genoemd in het communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS), de norm NEN-EN-ISO 9001, de norm NEN-EN-ISO 14001 of een gelijkwaardig systeem.
2. Per kalenderjaar wordt een auditplan opgesteld waarin de interne audits voor dat kalenderjaar zijn gepland.
3. In het eerste jaar nadat een vergunning als bedoeld in artikel 16.49, eerste lid, van de wetis verleend, wordt een specifieke audit uitgevoerd met betrekking tot de wijze waarop het monitoringsplan in de interne bedrijfsvoering is geïmplementeerd en geïntegreerd. Van de resultaten van deze audit wordt een auditrapport opgesteld, waarin conclusies en uit te voeren acties worden vermeld.
4. Met ingang van het tweede jaar nadat een vergunning als bedoeld in artikel 16.49, eerste lid, van de wetis verleend, wordt met betrekking tot elk onderdeel van het monitoringsplan om de drie jaar een audit uitgevoerd. Indien wordt aangesloten bij een al bestaand en goed functionerend auditsysteem binnen de inrichting, gelden in plaats van de in de eerste volzin bedoelde termijn, de termijnen waarbinnen in dat systeem een audit wordt uitgevoerd. Van de resultaten van deze audit wordt een auditrapport opgesteld, waarin conclusies en uit te voeren acties worden vermeld.
5. Van het auditplan alsmede de auditrapporten wordt melding gemaakt in het register kwaliteitsregistraties, bedoeld in artikel 57, eerste lid.
2. Per kalenderjaar wordt een auditplan opgesteld waarin de interne audits voor dat kalenderjaar zijn gepland.
3. In het eerste jaar nadat een vergunning als bedoeld in artikel 16.49, eerste lid, van de wetis verleend, wordt een specifieke audit uitgevoerd met betrekking tot de wijze waarop het monitoringsplan in de interne bedrijfsvoering is geïmplementeerd en geïntegreerd. Van de resultaten van deze audit wordt een auditrapport opgesteld, waarin conclusies en uit te voeren acties worden vermeld.
4. Met ingang van het tweede jaar nadat een vergunning als bedoeld in artikel 16.49, eerste lid, van de wetis verleend, wordt met betrekking tot elk onderdeel van het monitoringsplan om de drie jaar een audit uitgevoerd. Indien wordt aangesloten bij een al bestaand en goed functionerend auditsysteem binnen de inrichting, gelden in plaats van de in de eerste volzin bedoelde termijn, de termijnen waarbinnen in dat systeem een audit wordt uitgevoerd. Van de resultaten van deze audit wordt een auditrapport opgesteld, waarin conclusies en uit te voeren acties worden vermeld.
5. Van het auditplan alsmede de auditrapporten wordt melding gemaakt in het register kwaliteitsregistraties, bedoeld in artikel 57, eerste lid.