BWBR0017699
Geldig vanaf 2010-02-05
Artikel 34bg
Regeling monitoring handel in emissierechten
1. Degene die een inrichting drijft, bepaalt de in artikel 34bdbedoelde gegevens overeenkomstig Besluit 2011/278/EU.
2. Indien zich binnen de inrichting installaties bevinden waarop afdeling 16.2.1 van de wetvan toepassing is en indien op de inrichting op grond van Besluit 2011/278/EU een warmtebenchmark, een brandstofbenchmark of een aan procesemissies gerelateerde benchmark van toepassing is, bepaalt degene die de inrichting drijft, het jaarlijkse verbruik van brandstoffen, bedoeld in artikel 34bd, tweede lid, onder c, en de daarbij behorende parameters onderscheidenlijk de procesemissies, bedoeld in artikel 34bd, tweede lid, onder d, en de daarbij behorende parameters voor zover mogelijk overeenkomstig de op de inrichting van toepassing zijnde eisen van deze regeling.
3. Degene die een inrichting drijft, neemt bij het bepalen van de in artikel 34bdbedoelde gegevens alle subinstallaties in acht alsmede alle voor de van toepassing zijnde benchmark relevante producten, warmtestromen, brandstofstromen, materiaalstromen en bronnen die samenhangen met de activiteiten, bedoeld in bijlage I bij de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten, zoals die bijlage is komen te luiden ingevolge artikel I, onderdeel 30, van richtlijn nr. 2009/29/EG.
4. Degene die een inrichting drijft, zorgt ervoor dat dubbeltelling van subinstallaties, producten, warmtestromen, brandstofstromen, materiaalstromen en bronnen als bedoeld in het derde lid wordt voorkomen.
5. Degene die een inrichting drijft, zorgt ervoor dat de in artikel 34bdbedoelde gegevens consistent zijn over de kalenderjaren 2005 tot en met 2010 en, voor zover van toepassing, 2011. Degene die de inrichting drijft, maakt daartoe zoveel mogelijk gebruik van dezelfde monitoringsmethodieken en gegevensbestanden.
6. Degene die een inrichting drijft, verzamelt, registreert, analyseert en documenteert de in artikel 34bdbedoelde gegevens.
7. Degene die een inrichting drijft, bepaalt de in artikel 34bdbedoelde gegevens met de hoogst mogelijke graad van nauwkeurigheid waarbij bronnen van onzekerheid zoveel mogelijk worden beperkt.
2. Indien zich binnen de inrichting installaties bevinden waarop afdeling 16.2.1 van de wetvan toepassing is en indien op de inrichting op grond van Besluit 2011/278/EU een warmtebenchmark, een brandstofbenchmark of een aan procesemissies gerelateerde benchmark van toepassing is, bepaalt degene die de inrichting drijft, het jaarlijkse verbruik van brandstoffen, bedoeld in artikel 34bd, tweede lid, onder c, en de daarbij behorende parameters onderscheidenlijk de procesemissies, bedoeld in artikel 34bd, tweede lid, onder d, en de daarbij behorende parameters voor zover mogelijk overeenkomstig de op de inrichting van toepassing zijnde eisen van deze regeling.
3. Degene die een inrichting drijft, neemt bij het bepalen van de in artikel 34bdbedoelde gegevens alle subinstallaties in acht alsmede alle voor de van toepassing zijnde benchmark relevante producten, warmtestromen, brandstofstromen, materiaalstromen en bronnen die samenhangen met de activiteiten, bedoeld in bijlage I bij de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten, zoals die bijlage is komen te luiden ingevolge artikel I, onderdeel 30, van richtlijn nr. 2009/29/EG.
4. Degene die een inrichting drijft, zorgt ervoor dat dubbeltelling van subinstallaties, producten, warmtestromen, brandstofstromen, materiaalstromen en bronnen als bedoeld in het derde lid wordt voorkomen.
5. Degene die een inrichting drijft, zorgt ervoor dat de in artikel 34bdbedoelde gegevens consistent zijn over de kalenderjaren 2005 tot en met 2010 en, voor zover van toepassing, 2011. Degene die de inrichting drijft, maakt daartoe zoveel mogelijk gebruik van dezelfde monitoringsmethodieken en gegevensbestanden.
6. Degene die een inrichting drijft, verzamelt, registreert, analyseert en documenteert de in artikel 34bdbedoelde gegevens.
7. Degene die een inrichting drijft, bepaalt de in artikel 34bdbedoelde gegevens met de hoogst mogelijke graad van nauwkeurigheid waarbij bronnen van onzekerheid zoveel mogelijk worden beperkt.