BWBR0017230
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 6.5
Rechtspositieregeling lokaal indienstgenomen werknemers 2005
1. De werknemer is verplicht de dienstkleding en onderscheidingstekenen te dragen indien, en op de wijze waarop, dit door de CdP is voorgeschreven.
2. De dienstkleding wordt na gebleken slijtage door de werkgever vervangen.
3. De werknemer is verantwoordelijk voor het onderhouden en reinigen van de dienstkleding en draagt de kosten daarvan, tenzij die kosten overeenkomstig lokaal voorschrift of lokaal gebruik geheel of gedeeltelijk voor rekening van de werkgever komen.
4. De dienstkleding blijft eigendom van de werkgever. De werknemer is verplicht de dienstkleding bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst of indien de CdP daarom vraagt, in te leveren bij de werkgever.
5. Het is de werknemer verboden bij gekleed gaan in dienstkleding insignes of andere onderscheidingstekenen te dragen, tenzij deze door de Nederlandse regering zijn verstrekt of voorgeschreven of tot het dragen daarvan door de CdP toestemming is verleend.
2. De dienstkleding wordt na gebleken slijtage door de werkgever vervangen.
3. De werknemer is verantwoordelijk voor het onderhouden en reinigen van de dienstkleding en draagt de kosten daarvan, tenzij die kosten overeenkomstig lokaal voorschrift of lokaal gebruik geheel of gedeeltelijk voor rekening van de werkgever komen.
4. De dienstkleding blijft eigendom van de werkgever. De werknemer is verplicht de dienstkleding bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst of indien de CdP daarom vraagt, in te leveren bij de werkgever.
5. Het is de werknemer verboden bij gekleed gaan in dienstkleding insignes of andere onderscheidingstekenen te dragen, tenzij deze door de Nederlandse regering zijn verstrekt of voorgeschreven of tot het dragen daarvan door de CdP toestemming is verleend.