BWBR0017230
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 5.11
Rechtspositieregeling lokaal indienstgenomen werknemers 2005
1. De werknemer die ongeschikt is tot het verrichten van zijn werkzaamheden wegens ziekte geniet vanaf de dag waarop deze ongeschiktheid aanvangt gedurende een bepaalde termijn zijn volledige loon, dan wel een percentage van zijn loon, overeenkomstig lokaal voorschrift of gebruik.
2. Of de werknemer bij ziekte zijn volledige loon, dan wel een percentage van zijn loon ontvangt en gedurende welke termijn wordt opgenomen in de postuitwerking.
3. Indien de werknemer een wisselend aantal uren per week werkt, wordt onder het in het eerste lid bedoelde loon verstaan het loon dat de werknemer gemiddeld heeft genoten in de dertien kalenderweken voorafgaande aan het ontstaan van zijn ongeschiktheid tot het verrichten van zijn werkzaamheden wegens ziekte.
4. Voor het vaststellen van de in het eerste lid bedoelde termijn worden perioden van ongeschiktheid tot het verrichten van werkzaamheden wegens ziekte samengeteld indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan 31 kalenderdagen opvolgen.
5. De werknemer die tijdens zijn ziekte in staat is zijn werkzaamheden gedeeltelijk te verrichten of beschikbare passende andere werkzaamheden geheel of gedeeltelijk te verrichten, ontvangt zijn volledige loon over het aantal uren dat hij die werkzaamheden verricht of aanbiedt te verrichten.
6. Op de in het eerste lid bedoelde aanspraak, worden in mindering gebracht de voorzieningen waarop de werknemer vanwege zijn ziekte recht heeft op grond van het voor hem geldende sociale zekerheidsstelsel.
2. Of de werknemer bij ziekte zijn volledige loon, dan wel een percentage van zijn loon ontvangt en gedurende welke termijn wordt opgenomen in de postuitwerking.
3. Indien de werknemer een wisselend aantal uren per week werkt, wordt onder het in het eerste lid bedoelde loon verstaan het loon dat de werknemer gemiddeld heeft genoten in de dertien kalenderweken voorafgaande aan het ontstaan van zijn ongeschiktheid tot het verrichten van zijn werkzaamheden wegens ziekte.
4. Voor het vaststellen van de in het eerste lid bedoelde termijn worden perioden van ongeschiktheid tot het verrichten van werkzaamheden wegens ziekte samengeteld indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan 31 kalenderdagen opvolgen.
5. De werknemer die tijdens zijn ziekte in staat is zijn werkzaamheden gedeeltelijk te verrichten of beschikbare passende andere werkzaamheden geheel of gedeeltelijk te verrichten, ontvangt zijn volledige loon over het aantal uren dat hij die werkzaamheden verricht of aanbiedt te verrichten.
6. Op de in het eerste lid bedoelde aanspraak, worden in mindering gebracht de voorzieningen waarop de werknemer vanwege zijn ziekte recht heeft op grond van het voor hem geldende sociale zekerheidsstelsel.