BWBR0017230
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 4.10
Rechtspositieregeling lokaal indienstgenomen werknemers 2005
1. Indien het loon onderhevig is aan heffing op grond van de Nederlandse belastingwetgeving wordt aan de werknemer een nettoloon uitbetaald. Dit nettoloon wordt berekend door het in artikel 4.8, eerste lid, bedoelde loon te verminderen met de in artikel 4.8, tweede lid, bedoelde premies dan wel bedragen en het bedrag dat de werknemer lokaal over zijn loon aan belasting verschuldigd zou zijn als hij lokaal belastingplichtig zou zijn.
2. De in Nederland verschuldigde loonbelasting wordt rechtstreeks door de werkgever afgedragen. Bij de berekening van de hoogte van de verschuldigde loonbelasting wordt door de werkgever, tenzij de werknemer schriftelijk verzoekt om dat niet te doen, rekening gehouden met de in de <a href="/wet/BWBR0002471" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de loonbelasting</a>voorgeschreven algemene heffingskorting en arbeidskorting of vergelijkbare kortingen onder welke benaming dan ook.
3. Indien de werkgever teveel loonbelasting aan de Nederlandse belastingdienst heeft afgedragen, is de werknemer verplicht mee te werken aan het door de werkgever bij de Nederlandse belastingdienst terugvorderen van de teveel betaalde loonbelasting. Indien de werknemer hier niet aan meewerkt, wordt een bedrag, gelijk aan de teveel afgedragen loonbelasting, op het loon van de werknemer ingehouden.
4. Indien de werkgever op schriftelijk verzoek van de werknemer bij de berekening van de hoogte van de in Nederland verschuldigde loonbelasting geen rekening houdt met de in het tweede lid bedoelde kortingen, wordt het in artikel 4.8, eerste lid, bedoelde loon van de werknemer, behalve met het in het eerste lid bedoelde bedrag ook verminderd met een bedrag ter grootte van het verschil tussen het vastgestelde bedrag aan Nederlandse loonbelasting en het lagere bedrag aan Nederlandse loonbelasting dat zou zijn vastgesteld indien de werknemer niet had verzocht om geen rekening te houden met de in het tweede lid bedoelde kortingen.
2. De in Nederland verschuldigde loonbelasting wordt rechtstreeks door de werkgever afgedragen. Bij de berekening van de hoogte van de verschuldigde loonbelasting wordt door de werkgever, tenzij de werknemer schriftelijk verzoekt om dat niet te doen, rekening gehouden met de in de <a href="/wet/BWBR0002471" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de loonbelasting</a>voorgeschreven algemene heffingskorting en arbeidskorting of vergelijkbare kortingen onder welke benaming dan ook.
3. Indien de werkgever teveel loonbelasting aan de Nederlandse belastingdienst heeft afgedragen, is de werknemer verplicht mee te werken aan het door de werkgever bij de Nederlandse belastingdienst terugvorderen van de teveel betaalde loonbelasting. Indien de werknemer hier niet aan meewerkt, wordt een bedrag, gelijk aan de teveel afgedragen loonbelasting, op het loon van de werknemer ingehouden.
4. Indien de werkgever op schriftelijk verzoek van de werknemer bij de berekening van de hoogte van de in Nederland verschuldigde loonbelasting geen rekening houdt met de in het tweede lid bedoelde kortingen, wordt het in artikel 4.8, eerste lid, bedoelde loon van de werknemer, behalve met het in het eerste lid bedoelde bedrag ook verminderd met een bedrag ter grootte van het verschil tussen het vastgestelde bedrag aan Nederlandse loonbelasting en het lagere bedrag aan Nederlandse loonbelasting dat zou zijn vastgesteld indien de werknemer niet had verzocht om geen rekening te houden met de in het tweede lid bedoelde kortingen.