BWBR0017230
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 6.11
Rechtspositieregeling lokaal indienstgenomen werknemers 2005
1. De werknemer kan in het belang van de dienst worden verplicht om scholing te volgen, voor zover dat redelijkerwijs van hem kan worden gevergd.
2. Aan de werknemer, die op grond van het eerste lid scholing volgt, wordt een volledige vergoeding van de noodzakelijk te maken scholingskosten toegekend.
3. Aan de werknemer die op grond van het eerste lid scholing volgt, kan scholingsverlof met behoud van loon worden verleend.
4. De werknemer die op grond van het eerste lid scholing volgt, is verplicht de aan hem toegekende vergoeding van de scholingskosten terug te betalen bij onvoldoende resultaat in de scholing en bij tussentijds afbreken van de scholing, indien dit aan eigen schuld of toedoen is te wijten.
5. Bij ontslag tijdens de scholing kan de vergoeding van de scholingskosten worden teruggevorderd en bij ontslag binnen een termijn van twee jaren na het met voldoende resultaat afronden van de scholing kan voor iedere maand vóór afloop van die twee jaren, 1/24e deel van de vergoeding worden teruggevorderd, tenzij:
a. het ontslag niet aan eigen schuld of toedoen van de werknemer is wijten;
b. de werknemer binnen een maand na zijn ontslag elders in dienst treedt bij de Nederlandse Rijksoverheid; of
c. de werknemer aansluitend aan zijn ontslag recht heeft op een voorziening als bedoeld in hoofdstuk 9.
2. Aan de werknemer, die op grond van het eerste lid scholing volgt, wordt een volledige vergoeding van de noodzakelijk te maken scholingskosten toegekend.
3. Aan de werknemer die op grond van het eerste lid scholing volgt, kan scholingsverlof met behoud van loon worden verleend.
4. De werknemer die op grond van het eerste lid scholing volgt, is verplicht de aan hem toegekende vergoeding van de scholingskosten terug te betalen bij onvoldoende resultaat in de scholing en bij tussentijds afbreken van de scholing, indien dit aan eigen schuld of toedoen is te wijten.
5. Bij ontslag tijdens de scholing kan de vergoeding van de scholingskosten worden teruggevorderd en bij ontslag binnen een termijn van twee jaren na het met voldoende resultaat afronden van de scholing kan voor iedere maand vóór afloop van die twee jaren, 1/24e deel van de vergoeding worden teruggevorderd, tenzij:
a. het ontslag niet aan eigen schuld of toedoen van de werknemer is wijten;
b. de werknemer binnen een maand na zijn ontslag elders in dienst treedt bij de Nederlandse Rijksoverheid; of
c. de werknemer aansluitend aan zijn ontslag recht heeft op een voorziening als bedoeld in hoofdstuk 9.