BWBR0006509
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 67
Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993
1. Een verzekeraar met zetel in Nederland dekt de verplichtingen die voortvloeien uit de vorderingen, bedoeld in artikel 171, tweede lid, onderdelen b, c en d, dan wel uit de vorderingen, bedoeld in artikel 171, derde lid, onderdelen a, b en c, volledig door waarden, ten aanzien waarvan wordt voldaan aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan tegen de aard en de waardering van deze waarden bedenkingen naar voren brengen, aan welke bedenkingen de verzekeraar dient tegemoet te komen.
2. De waarden die dienen tot dekking van de in het eerste lid genoemde verplichtingen moeten in toereikende mate in dezelfde muntsoort kunnen worden geïnd of te gelde gemaakt als die waarin de verplichtingen luiden. De waarden moeten in de Unie aanwezig zijn.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de toepassing van het bepaalde in het tweede lid. Daarbij kan tevens worden bepaald dat en in hoeverre de Pensioen- & Verzekeringskamer vrijstelling of ontheffing kan verlenen van de nadere regels. Aan een vrijstelling of ontheffing kunnen beperkingen worden gesteld of voorschriften worden verbonden en zij kunnen worden ingetrokken.
2. De waarden die dienen tot dekking van de in het eerste lid genoemde verplichtingen moeten in toereikende mate in dezelfde muntsoort kunnen worden geïnd of te gelde gemaakt als die waarin de verplichtingen luiden. De waarden moeten in de Unie aanwezig zijn.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de toepassing van het bepaalde in het tweede lid. Daarbij kan tevens worden bepaald dat en in hoeverre de Pensioen- & Verzekeringskamer vrijstelling of ontheffing kan verlenen van de nadere regels. Aan een vrijstelling of ontheffing kunnen beperkingen worden gesteld of voorschriften worden verbonden en zij kunnen worden ingetrokken.