BWBR0006509
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 175a
Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993
1. Voor het geval van een houder van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 175, eerste lid, die aan het hoofd staat van een groep waartoe een of meer verzekeraars als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, en een of meer kredietinstellingen als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0005792/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet toezicht kredietwezen 1992</a>behoren en waartoe ten minste één verzekeraar met zetel in Nederland behoort die een vergunning als bedoeld in artikel 24, eerste lid, heeft verkregen, kan de Pensioen- & Verzekeringskamer, in overeenstemming met de autoriteit die ingevolge de <a href="/wet/BWBR0005792" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet toezicht kredietwezen 1992</a>belast is met het toezicht op kredietinstellingen, op grond van de overwegingen als bedoeld in artikel 175, tweede lid, onderdelen a en b, voorschriften formuleren.
2. De voorschriften worden overeenkomstig artikel 175, derde lid, door Onze Minister aan een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 175, eerste lid, verbonden.
3. Indien de voorschriften worden gewijzigd, kan Onze Minister, de Pensioen- & Verzekeringskamer gehoord, dan wel in door Onze Minister bepaalde gevallen vanwege Onze Minister de Pensioen- & Verzekeringskamer, de gewijzigde voorschriften verbinden aan de verklaring van geen bezwaar die aan een houder als bedoeld in het eerste lid is verleend.
4. De voorschriften worden bekendgemaakt door plaatsing in de <em>Staatscourant</em>.
2. De voorschriften worden overeenkomstig artikel 175, derde lid, door Onze Minister aan een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 175, eerste lid, verbonden.
3. Indien de voorschriften worden gewijzigd, kan Onze Minister, de Pensioen- & Verzekeringskamer gehoord, dan wel in door Onze Minister bepaalde gevallen vanwege Onze Minister de Pensioen- & Verzekeringskamer, de gewijzigde voorschriften verbinden aan de verklaring van geen bezwaar die aan een houder als bedoeld in het eerste lid is verleend.
4. De voorschriften worden bekendgemaakt door plaatsing in de <em>Staatscourant</em>.