BWBR0006509
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 138
Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993
1. Indien een verzekeraar niet meer beschikt over het minimum bedrag aan vereiste solvabiliteitsmarge, bedoeld in artikel 68, eerste lid, dient hij - tenzij het tweede lid van toepassing is - binnen acht weken of zoveel eerder als de Pensioen- & Verzekeringskamer bepaalt, bij de Pensioen- & Verzekeringskamer een saneringsplan ter toestemming in, dat aangeeft op welke wijze en binnen welke termijn de solvabiliteitsmarge weer op de vereiste omvang zal worden gebracht.
2. Indien de solvabiliteitsmarge is gedaald of naar het oordeel van de Pensioen- & Verzekeringskamer zal dalen beneden het vereiste garantiefonds, dient de verzekeraar bij de Pensioen- & Verzekeringskamer binnen een door haar te bepalen termijn een financieringsplan ter toestemming in, dat aangeeft hoe op korte termijn de solvabiliteitsmarge weer op de vereiste omvang zal worden gebracht.
3. Ingeval artikel 137a, eerste lid, reeds toepassing vond, geeft het saneringsplan tevens aan hoe het herstelplan waarvoor reeds toestemming is verleend daarin wordt verwerkt. Ingeval het eerste lid reeds toepassing vond, geeft het financieringsplan tevens aan hoe het saneringsplan waarvoor reeds toestemming is verleend daarin wordt verwerkt.
4. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan op aanvraag van de verzekeraar wijzigingen in een plan waarvoor toestemming is verleend toestaan dan wel, bij gewijzigde omstandigheden, wijzigingen in het plan eisen of de toestemming intrekken.
5. De Pensioen- & Verzekeringskamer stelt, wanneer het eerste of tweede lid toepassing zal vinden en zij daartoe aanleiding vindt, de toezichthoudende autoriteiten van de andere lid-staten waar de verzekeraar een bijkantoor heeft of waarheen hij vanuit zijn vestigingen in de Unie diensten verricht, hiervan op de hoogte.
2. Indien de solvabiliteitsmarge is gedaald of naar het oordeel van de Pensioen- & Verzekeringskamer zal dalen beneden het vereiste garantiefonds, dient de verzekeraar bij de Pensioen- & Verzekeringskamer binnen een door haar te bepalen termijn een financieringsplan ter toestemming in, dat aangeeft hoe op korte termijn de solvabiliteitsmarge weer op de vereiste omvang zal worden gebracht.
3. Ingeval artikel 137a, eerste lid, reeds toepassing vond, geeft het saneringsplan tevens aan hoe het herstelplan waarvoor reeds toestemming is verleend daarin wordt verwerkt. Ingeval het eerste lid reeds toepassing vond, geeft het financieringsplan tevens aan hoe het saneringsplan waarvoor reeds toestemming is verleend daarin wordt verwerkt.
4. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan op aanvraag van de verzekeraar wijzigingen in een plan waarvoor toestemming is verleend toestaan dan wel, bij gewijzigde omstandigheden, wijzigingen in het plan eisen of de toestemming intrekken.
5. De Pensioen- & Verzekeringskamer stelt, wanneer het eerste of tweede lid toepassing zal vinden en zij daartoe aanleiding vindt, de toezichthoudende autoriteiten van de andere lid-staten waar de verzekeraar een bijkantoor heeft of waarheen hij vanuit zijn vestigingen in de Unie diensten verricht, hiervan op de hoogte.