BWBR0006509
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 164c
Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993
1. Indien na de inwerkingstelling van het opvanginstrument overeenkomstig artikel 147c, eerste lid, of artikel 164b, eerste lid, de verplichte overdracht van de portefeuille naar het oordeel van de Pensioen- & Verzekeringskamer niet tot stand kan worden gebracht, doet zij hiervan mededeling aan de bewindvoerders.
2. Zolang de Pensioen- & Verzekeringskamer deze mededeling niet heeft gedaan, verleent de rechtbank de bewindvoerders geen bijzondere machtiging als bedoeld in artikel 165, eerste lid.
3. De rechtbank verleent de bijzondere machtiging evenmin zolang de Pensioen- & Verzekeringskamer het opvanginstrument niet in werking heeft gesteld, tenzij de Pensioen- & Verzekeringskamer aan de bewindvoerders mededeling heeft gedaan van haar oordeel dat er geen aanleiding is tot het in werking stellen van het opvanginstrument.
2. Zolang de Pensioen- & Verzekeringskamer deze mededeling niet heeft gedaan, verleent de rechtbank de bewindvoerders geen bijzondere machtiging als bedoeld in artikel 165, eerste lid.
3. De rechtbank verleent de bijzondere machtiging evenmin zolang de Pensioen- & Verzekeringskamer het opvanginstrument niet in werking heeft gesteld, tenzij de Pensioen- & Verzekeringskamer aan de bewindvoerders mededeling heeft gedaan van haar oordeel dat er geen aanleiding is tot het in werking stellen van het opvanginstrument.