BWBR0032626
Geldig vanaf 2021-04-12
Artikel 10.4
Regeling diergeneesmiddelen
1. In overeenstemming met artikel 16, eerste lid, aanhef, van richtlijn 2001/82/EGin samenhang met artikel 2.20, eerste liden 11.1, eerste lid, tweede volzin, van de weten artikel 9.3 van het besluitis het toegestaan een homeopathisch diergeneesmiddel dat is vermeld op de Lijst van homeopathische diergeneesmiddelen 1993, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit uitzonderingen registratieregime diergeneesmiddelen, zoals die gold voor 13 januari 2006 bij de inwerkingtreding van de Diergeneesmiddelenregeling, in de handel te brengen tot 1 januari 2014.
2. Indien voor 1 januari 2014 een aanvraag als bedoeld in artikel 2.1in samenhang met de artikelen 3.4of 3.5 van het besluitwordt ingediend, blijft het na 1 januari 2014 toegestaan het diergeneesmiddel, bedoeld in het eerste lid, in de handel te brengen tot een besluit op de aanvraag is genomen en het diergeneesmiddel met betrekking tot de samenstelling, verpakking en informatie in, op of bij de verpakking voldoet aan het dossier dat bij de aanvraag is ingediend.
3. Een vergoeding als bedoeld in artikel 9.2, tweede en derde lid, wordt niet geheven tot een besluit als bedoeld in het tweede lid is genomen.
2. Indien voor 1 januari 2014 een aanvraag als bedoeld in artikel 2.1in samenhang met de artikelen 3.4of 3.5 van het besluitwordt ingediend, blijft het na 1 januari 2014 toegestaan het diergeneesmiddel, bedoeld in het eerste lid, in de handel te brengen tot een besluit op de aanvraag is genomen en het diergeneesmiddel met betrekking tot de samenstelling, verpakking en informatie in, op of bij de verpakking voldoet aan het dossier dat bij de aanvraag is ingediend.
3. Een vergoeding als bedoeld in artikel 9.2, tweede en derde lid, wordt niet geheven tot een besluit als bedoeld in het tweede lid is genomen.