BWBR0027666
Geldig vanaf 2007-03-01
Artikel 62
Dienst Buitenlandse Zaken Voorzieningenstelsel 2007
1. Indien het aantal personen met wie de ambtenaar op de standplaats gezamenlijk een huishouding voert tussentijds wijzigt, maakt hij in de volgende gevallen en tot ten hoogste het daarbij aangegeven volume aanspraak op transport van de boedel:
a. bij geboorte van een afhankelijk kind of aankomst van een afhankelijk kind jonger dan 1 jaar op een standplaats die is opgenomen in bijlage D, onder 2, naar de keuze van de ambtenaar: vanuit Nederland 4 m3 boedel vervoerd over zee of over land dan wel 2 m3 boedel vervoerd door de lucht;
b. bij aankomst op of definitief vertrek van de standplaats van een afhankelijk kind van 1 jaar of ouder of van de partner: vanuit respectievelijk naar Nederland 2 m3 boedel vervoerd over zee of over land dan wel, in bijzondere gevallen ter beoordeling van HDPO, door de lucht.
2. In afwijking van het eerste lid, onderdeel b, wordt op verzoek van de ambtenaar die bij zijn verhuizing naar de standplaats aanspraak maakte op transport van de boedel in een 40 voet container, ten behoeve van zijn definitief van de standplaats vertrekkende partner dan wel partner met één of meer afhankelijke kinderen een deel van de boedel in een 20 voet container naar Nederland getransporteerd. De ambtenaar die gebruik heeft gemaakt van de in de vorige volzin bedoelde mogelijkheid, maakt bij zijn definitief vertrek van de post, in afwijking van artikel 61, tweede lid, nog slechts aanspraak op transport over zee of over land van de resterende boedel in een 20 voet container.
3. In afwijking van het eerste lid, onderdeel b, wordt op verzoek van de ambtenaar wiens boedel bij zijn verhuizing naar de standplaats voor rijksrekening door de lucht is getransporteerd, ten behoeve van zijn definitief van de standplaats vertrekkende partner dan wel partner met één of meer afhankelijke kinderen maximaal 15 m 3boedel met een maximum gewicht van 167 kilogram per m 3boedel door de lucht naar Nederland getransporteerd. De ambtenaar die gebruik heeft gemaakt van de in de vorige volzin bedoelde mogelijkheid, maakt bij zijn definitief vertrek van de post, in afwijking van artikel 61, vierde lid, nog slechts aanspraak op transport door de lucht van het resterende deel van het in dat lid genoemde maximale volume van de boedel.
4. Het eerste tot en met derde lid zijn niet van toepassing indien de resterende duur van de plaatsing zes maanden of korter is.
5. Artikel 61, vierde, negende, tiende en elfde lidzijn van overeenkomstige toepassing.
a. bij geboorte van een afhankelijk kind of aankomst van een afhankelijk kind jonger dan 1 jaar op een standplaats die is opgenomen in bijlage D, onder 2, naar de keuze van de ambtenaar: vanuit Nederland 4 m3 boedel vervoerd over zee of over land dan wel 2 m3 boedel vervoerd door de lucht;
b. bij aankomst op of definitief vertrek van de standplaats van een afhankelijk kind van 1 jaar of ouder of van de partner: vanuit respectievelijk naar Nederland 2 m3 boedel vervoerd over zee of over land dan wel, in bijzondere gevallen ter beoordeling van HDPO, door de lucht.
2. In afwijking van het eerste lid, onderdeel b, wordt op verzoek van de ambtenaar die bij zijn verhuizing naar de standplaats aanspraak maakte op transport van de boedel in een 40 voet container, ten behoeve van zijn definitief van de standplaats vertrekkende partner dan wel partner met één of meer afhankelijke kinderen een deel van de boedel in een 20 voet container naar Nederland getransporteerd. De ambtenaar die gebruik heeft gemaakt van de in de vorige volzin bedoelde mogelijkheid, maakt bij zijn definitief vertrek van de post, in afwijking van artikel 61, tweede lid, nog slechts aanspraak op transport over zee of over land van de resterende boedel in een 20 voet container.
3. In afwijking van het eerste lid, onderdeel b, wordt op verzoek van de ambtenaar wiens boedel bij zijn verhuizing naar de standplaats voor rijksrekening door de lucht is getransporteerd, ten behoeve van zijn definitief van de standplaats vertrekkende partner dan wel partner met één of meer afhankelijke kinderen maximaal 15 m 3boedel met een maximum gewicht van 167 kilogram per m 3boedel door de lucht naar Nederland getransporteerd. De ambtenaar die gebruik heeft gemaakt van de in de vorige volzin bedoelde mogelijkheid, maakt bij zijn definitief vertrek van de post, in afwijking van artikel 61, vierde lid, nog slechts aanspraak op transport door de lucht van het resterende deel van het in dat lid genoemde maximale volume van de boedel.
4. Het eerste tot en met derde lid zijn niet van toepassing indien de resterende duur van de plaatsing zes maanden of korter is.
5. Artikel 61, vierde, negende, tiende en elfde lidzijn van overeenkomstige toepassing.