BWBR0027666
Geldig vanaf 2007-03-01
Artikel 56
Dienst Buitenlandse Zaken Voorzieningenstelsel 2007
1. Indien de (gewezen) partner of een met die (gewezen) partner meeverhuizend afhankelijk kind de standplaats verlaat, kan worden bepaald dat aan de ambtenaar ten behoeve van die (gewezen) partner of dat kind op een ander tijdstip dan bedoeld in artikel 54, eerste lid, een voorziening wordt verstrekt als bedoeld in artikel 57voor een reis tot ten hoogste de kosten van een reis naar Nederland.
2. Indien een afhankelijk kind vanwege een erkende reden als bedoeld in artikel 47, tweede lid, de standplaats verlaat en het eerste lid niet van toepassing is, kan worden bepaald dat aan de ambtenaar ten behoeve van dat kind op een ander tijdstip dan bedoeld in artikel 54, eerste lid, een voorziening wordt verstrekt als bedoeld in artikel 57voor een reis naar de plaats van vestiging van de onderwijsinstelling van het kind tot ten hoogste de kosten van een reis naar Nederland.
3. Indien een voorziening als bedoeld in het eerste en tweede lid is verstrekt, wordt in de resterende periode van de plaatsing van de ambtenaar bij de desbetreffende post of bij de beëindiging van deze plaatsing, niet nogmaals een dergelijke voorziening verstrekt.
2. Indien een afhankelijk kind vanwege een erkende reden als bedoeld in artikel 47, tweede lid, de standplaats verlaat en het eerste lid niet van toepassing is, kan worden bepaald dat aan de ambtenaar ten behoeve van dat kind op een ander tijdstip dan bedoeld in artikel 54, eerste lid, een voorziening wordt verstrekt als bedoeld in artikel 57voor een reis naar de plaats van vestiging van de onderwijsinstelling van het kind tot ten hoogste de kosten van een reis naar Nederland.
3. Indien een voorziening als bedoeld in het eerste en tweede lid is verstrekt, wordt in de resterende periode van de plaatsing van de ambtenaar bij de desbetreffende post of bij de beëindiging van deze plaatsing, niet nogmaals een dergelijke voorziening verstrekt.