BWBR0027666
Geldig vanaf 2007-03-01
Artikel 32
Dienst Buitenlandse Zaken Voorzieningenstelsel 2007
1. Indien een lid van het huispersoneel dat in persoonlijke dienst is van de ambtenaar, na zijn definitief vertrek van de post in persoonlijke dienst van zijn opvolger wordt genomen, worden de hieruit voortvloeiende noodzakelijke kosten namens de opvolger gedurende de interim-periode vergoed uit het aan de desbetreffende post ter beschikking gestelde budget. De vergoeding wordt toegekend voor een tijdvak van maximaal twee maanden. In bijzondere gevallen kan dit tijdvak worden verlengd.
2. Onder de in het eerste lid bedoelde noodzakelijke kosten worden verstaan: de in artikel 31, tweede lid, onder a en b, genoemde kosten. Onder de in het eerste lid bedoelde interim-periode wordt verstaan: de periode gelegen tussen de dag waarop de arbeidsovereenkomst tussen het betrokken lid van het huispersoneel en de opvolger ingaat, maar niet eerder dan de dag waarop de arbeidsovereenkomst met de voorganger is geëindigd, en de dag waarop de opvolger zijn werkzaamheden bij de post aanvangt.
3. De in het eerste lid bedoelde kosten worden uitsluitend voldaan voor zover het loon gedurende de interim-periode niet hoger is dan het loon dat voordien voor het betrokken lid van het huispersoneel gold.
2. Onder de in het eerste lid bedoelde noodzakelijke kosten worden verstaan: de in artikel 31, tweede lid, onder a en b, genoemde kosten. Onder de in het eerste lid bedoelde interim-periode wordt verstaan: de periode gelegen tussen de dag waarop de arbeidsovereenkomst tussen het betrokken lid van het huispersoneel en de opvolger ingaat, maar niet eerder dan de dag waarop de arbeidsovereenkomst met de voorganger is geëindigd, en de dag waarop de opvolger zijn werkzaamheden bij de post aanvangt.
3. De in het eerste lid bedoelde kosten worden uitsluitend voldaan voor zover het loon gedurende de interim-periode niet hoger is dan het loon dat voordien voor het betrokken lid van het huispersoneel gold.