BWBR0027666
Geldig vanaf 2007-03-01
Artikel 31
Dienst Buitenlandse Zaken Voorzieningenstelsel 2007
1. Indien een hoofd van een post of een plaatsvervangend hoofd van een post voor wie functieniveau 16 of hoger geldt, voor de functieuitoefening huispersoneel in zijn persoonlijke dienst neemt, worden de hieruit voortvloeiende noodzakelijke kosten aan hem vergoed uit het aan de desbetreffende post ter beschikking gestelde budget.
2. Onder de in het eerste lid bedoelde noodzakelijke kosten worden in ieder geval verstaan:
a. het netto loon, indien de ambtenaar verantwoordelijk is voor afdracht van loonbelasting, dan wel het bruto loon, indien het betrokken lid van het huispersoneel verantwoordelijk is voor afdracht van loonbelasting, tot ten hoogste het ter plaatse gangbare loon voor gelijkwaardige arbeid;
b. de lokaal voorgeschreven belastingen, pensioenpremies en socialeverzekeringspremies voor zover de ambtenaar verantwoordelijk is voor de afdracht;
c. de kosten van verplichte kleding;
d. een vanwege de beëindiging van de arbeidsovereenkomst met een lid van het huispersoneel betaalde ontslaguitkering of daarmee vergelijkbare uitkering, voor zover het ter plaatse verplicht of gebruikelijk is deze uitkering te betalen.
2. Onder de in het eerste lid bedoelde noodzakelijke kosten worden in ieder geval verstaan:
a. het netto loon, indien de ambtenaar verantwoordelijk is voor afdracht van loonbelasting, dan wel het bruto loon, indien het betrokken lid van het huispersoneel verantwoordelijk is voor afdracht van loonbelasting, tot ten hoogste het ter plaatse gangbare loon voor gelijkwaardige arbeid;
b. de lokaal voorgeschreven belastingen, pensioenpremies en socialeverzekeringspremies voor zover de ambtenaar verantwoordelijk is voor de afdracht;
c. de kosten van verplichte kleding;
d. een vanwege de beëindiging van de arbeidsovereenkomst met een lid van het huispersoneel betaalde ontslaguitkering of daarmee vergelijkbare uitkering, voor zover het ter plaatse verplicht of gebruikelijk is deze uitkering te betalen.