BWBR0027666
Geldig vanaf 2007-03-01
Artikel 14
Dienst Buitenlandse Zaken Voorzieningenstelsel 2007
1. Indien de ambtenaar op de standplaats een gezamenlijke huishouding voert met zijn partner, wordt de standplaatstoelage verhoogd met 70%.
2. Van het voeren van een gezamenlijke huishouding is sprake indien de partner in iedere aaneengesloten periode van zes maanden, gerekend vanaf de dag van eerste aankomst van de partner op de standplaats, ten minste 90 dagen op de standplaats verblijft en deel uitmaakt van het gezin van de ambtenaar.
3. De aanspraak op de in het eerste lid bedoelde verhoging van de standplaatstoelage vangt aan op de dag van aankomst van de partner op de standplaats en eindigt op de dag dat de partner definitief van de standplaats vertrekt, met dien verstande dat bij definitief vertrek van de standplaats het gestelde in het tweede lid naar rato geldt.
2. Van het voeren van een gezamenlijke huishouding is sprake indien de partner in iedere aaneengesloten periode van zes maanden, gerekend vanaf de dag van eerste aankomst van de partner op de standplaats, ten minste 90 dagen op de standplaats verblijft en deel uitmaakt van het gezin van de ambtenaar.
3. De aanspraak op de in het eerste lid bedoelde verhoging van de standplaatstoelage vangt aan op de dag van aankomst van de partner op de standplaats en eindigt op de dag dat de partner definitief van de standplaats vertrekt, met dien verstande dat bij definitief vertrek van de standplaats het gestelde in het tweede lid naar rato geldt.